Strafrecht overig

Unus-arrest. Vernietiging vonnis waarvan beroep. Veroordeling ter zake van het overtreden van art. 163 lid 6…

Gerechtshof Amsterdam, 10 juli 2026

Zaakgegevens

Op 10 juli 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
10 juli 2026
Datum publicatie
16 juli 2026
Zaaknummer
23-003036-25
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:1961
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Unus-arrest. Vernietiging vonnis waarvan beroep. Veroordeling ter zake van het overtreden van art. 163 lid 6 WVW 1994 (weigeren bloedonderzoek). Taakstraf 80 uren/40 dagen vvh + OBM 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.

Uitspraak

afdeling strafrecht

parketnummer eerste aanleg : 96-124878-25

parketnummer hoger beroep : 23-003036-25

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 10 juli 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 12 december 2025 in de zaak tegen de verdachte:

naam: [verdachte 1]

voornamen: [verdachte 2]

geboren: op [geboortedag] 1988 te [geboorteplaats] ( [geboorteland] )

adres: [adres] .

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

overtreding van artikel 163, zesde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

gepleegd
op 3 maart 2025 te Amsterdam.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 163, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 80 (tachtig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 40 (veertig) dagen hechtenis.

Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 9 (negen) maanden.

Bepaalt dat de bijkomende straf van ontzegging niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Gewezen door mr. L.M.G. de Weerd, in bijzijn van mr. S.S.I. Jackson, griffier.

mr. L.M.G. de Weerd