Strafrecht overig
Vernietigt vonnis t.a.v. de opgelegde straffen, artikelen 8, 176 en 179 WVW, geldboete van 900 euro in 3…
ECLI:NL:GHAMS:2026:371 · Gerechtshof Amsterdam · 10 februari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2026-371
Zaakgegevens
Op 10 februari 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 10 februari 2026
- Datum publicatie
- 17 februari 2026
- Zaaknummer
- 23-000842-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2026:371
Samenvatting
Vernietigt vonnis t.a.v. de opgelegde straffen, artikelen 8, 176 en 179 WVW, geldboete van 900 euro in 3 termijnen, een onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor 6 maanden en een voorwardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor 3 maanden.
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-320544-24
parketnummer hoger beroep : 23-000842-25
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 10 februari 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 26 maart 2025 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1985 te [geboorteland]
adres: [adres]
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24a, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde straffen en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 900,00 (negenhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 9 (negen) dagen hechtenis.
Bepaalt dat het totaal van de geldboetes mag worden voldaan in 3 (drie) termijnen van 1 maand, elke termijn groot € 300,00 (driehonderd euro).
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 (zes) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot 3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met dien verstande dat artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht aan de wettelijke voorschriften wordt toegevoegd.
Gewezen door mr. D.A.C. Koster, in bijzijn van mr. C.H. Sillen en mr. L.A.H. van Wieren, griffiers.
mr. D.A.C. Koster