Strafrecht overig
art. 591a Sv - tijdverzuim - Het hof overweegt dat een vergoeding wegens inkomstenderving kan worden…
Gerechtshof Amsterdam, 10 oktober 2019
ECLI:NL:GHAMS:2019:3653 · Gerechtshof Amsterdam · 10 oktober 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/raadkamer/ecli-nl-ghams-2019-3653
Zaakgegevens
Op 10 oktober 2019 heeft het Gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 10 oktober 2019
- Datum publicatie
- 10 oktober 2019
- Zaaknummer
- R 00594-19
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- RaadkamerRaadkamerEen zitting die niet openbaar is, bijvoorbeeld over voorlopige hechtenis of een klacht over niet-vervolging.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2019:3653
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
art. 591a Sv - tijdverzuim - Het hof overweegt dat een vergoeding wegens inkomstenderving kan worden toegekend indien een verzoek voldoende met objectieve stukken is gestaafd. In casus afwijzing.
Uitspraak
beschikking
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling strafrecht
rekestnummer(s): 000594-19 (89 Sv) en 000595-19 (591a Sv)
parketnummer in hoger beroep: 23-004623-15
Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 89 en 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[verzoeker],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1987,
domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat,
mr. F.M.M.M. Vogels, Linnaeusparkweg 16, 1098 EB Amsterdam.
1 Procesverloop
Het verzoekschrift is op 15 mei 2019 ingekomen.
Op 11 juni 2019 heeft de advocaat-generaal het standpunt van het Openbaar Ministerie kenbaar gemaakt.
Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 26 september 2019 de advocaat-generaal en de advocaat van verzoeker ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. Verzoeker is niet in raadkamer verschenen.
2 Inhoud van het verzoek
Het verzoek strekt tot het verkrijgen van een vergoeding op de voet van artikel 89 Sv, tot een bedrag van € 315,00, ter zake van schade die verzoeker stelt te hebben geleden als gevolg van de ondergane verzekering in de strafzaak met voormeld parketnummer.
Het verzoek strekt voorts tot het toekennen van een vergoeding op de voet van artikel 591a Sv ter zake van:
-
schade ten gevolge van tijdverzuim door de behandeling ter terechtzitting ten bedrage van € 320,00;
-
kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van onderhavige verzoekschriftprocedure ten bedrage van € 550,00.
3 Beoordeling van het verzoek
Bij arrest van dit hof van 31 januari 2019 is de strafzaak met voormeld parketnummer geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (Sr).
Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend.
Ingevolge het bepaalde in artikel 90, eerste lid, Sv heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe naar het oordeel van de rechter, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.
Ten aanzien van het verzoek op de voet van artikel 89 Sv
Gronden van billijkheid zijn aanwezig voor toewijzing van een vergoeding tot een bedrag van € 315,00.
Ten aanzien van het verzoek op de voet van artikel 591a Sv
Verzocht wordt om toekenning van een vergoeding voor schade wegens tijdverzuim in verband met het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en hoger beroep. Verzoeker stelt de afgelopen 4 jaar werkzaam te zijn geweest via uitzendbureaus en gemiddeld €80 per dag te verdienen en stelt voorts dat hij vier dagen niet heeft kunnen werken.
Het hof overweegt dat een vergoeding wegens inkomstenderving kan worden toegekend indien een verzoek voldoende met objectieve stukken is gestaafd. Nu verzoeker in het geheel geen stukken heeft over gelegd acht het hof geen gronden van billijkheid aanwezig voor toekenning van het verzoek tot vergoeding van schade wegens tijdverzuim.
Gronden van billijkheid zijn wel aanwezig voor toekenning van een vergoeding ter zake van kosten rechtsbijstand in de onderhavige verzoekschriftprocedure tot een bedrag van € 550,00.
4 Beslissing
Het hof :
Kent op de voet van artikel 89 Sv aan verzoeker een vergoeding toe van € 315,00 (driehonderdvijftien euro).
Kent op de voet van artikel 591a Sv aan verzoeker een vergoeding toe van € 550,00 (vijfhonderdvijftig euro).
Wijst het anders of meer verzochte af.
Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan verzoeker.
Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. M. Iedema, F.A. Hartsuiker en V. Mul, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Groenenberg als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 10 oktober 2019.
De voorzitter beveelt:
de tenuitvoerlegging van deze beschikking door overmaking van € 865,00 (achthonderdvijfenzestig euro) op bankrekeningnummer [rekeningnummer] t.n.v. Stichting Beheer Derdengelden Vogels Advocaten o.v.v. schadevergoeding [verzoeker].
Amsterdam, 10 oktober 2019.
mr. M. Iedema, voorzitter.