Strafrecht overig
Tussenarrest - het hof acht zich onvoldoende voorgelicht over de actuele stand van zaken omtrent de persoon…
ECLI:NL:GHAMS:2024:3184 · Gerechtshof Amsterdam · 19 november 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/tussenuitspraak/ecli-nl-ghams-2024-3184
Zaakgegevens
Op 19 november 2024 heeft het Gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 19 november 2024
- Datum publicatie
- 21 november 2024
- Zaaknummer
- 23-001877-23
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- TussenuitspraakTussenuitspraakDe rechter beslist nog niet alles, maar neemt een tussenstap, bijvoorbeeld een bewijsopdracht of het inschakelen van een deskundige.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2024:3184
Samenvatting
Tussenarrest - het hof acht zich onvoldoende voorgelicht over de actuele stand van zaken omtrent de persoon van de verdachte
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001877-23
datum uitspraak: 19 november 2024
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsvrouw)
Tussenarrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 15 juni 2023 in de strafzaak onder parketnummer 15-258112-20 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1992,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
5 november 2024 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsvrouw en de advocaat van de benadeelde partij naar voren hebben gebracht.
Op de terechtzitting in hoger beroep van 5 november 2024 is het onderzoek in deze strafzaak gehouden en gesloten.
Tijdens de beraadslaging is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest. Het hof acht zich – tegen de achtergrond van de zich reeds in het dossier bevindende (reclasserings)rapporten omtrent de persoon van de verdachte en het verloop van het reclasseringstoezicht – onvoldoende voorgelicht over de actuele stand van zaken omtrent de persoon van de verdachte.
In dat licht overweegt het hof aanvullend dat de voorlopige hechtenis van de verdachte in de onderhavige zaak met ingang van 26 november 2020 is geschorst onder – in ieder geval – de schorsingsvoorwaarde dat de verdachte op iedere oproep van politie en justitie zal verschijnen. De verdachte is vervolgens tijdens de inhoudelijke behandeling van de onderhavige strafzaak in eerste aanleg op 1 juni 2023 en in hoger beroep op 5 november 2024 niet verschenen. De verdachte heeft daarmee niet alleen de gestelde schorsingsvoorwaarde overtreden, maar de rechtbank en het hof hebben daardoor ook geen vragen kunnen stellen aan de verdachte over hoe het nu met hem gaat en hoe het destijds met hem ging
Om meer duidelijkheid te krijgen over de actuele stand van zaken omtrent de persoon van de verdachte en zijn eventuele (hernieuwde) bereidheid en motivatie om mee te werken aan hulpverlening acht het hof het noodzakelijk dat de verdachte op de nog nader te bepalen inhoudelijke behandeling van de onderhavige strafzaak aanwezig is. Het zal daartoe zijn persoonlijke verschijning op de volgende terechtzitting gelasten.
Het hof zal daartoe het onderzoek heropenen, schorsen en de hervatting van het onderzoek ter terechtzitting op een nader te bepalen datum gelasten.
Tenslotte overweegt het hof dat de verdachte op 6 mei 2024 hoger beroep heeft ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank Noord-Holland (parketnummer 15-05151-23, ressortsparketnummer
23-001039-24) waarbij hij wegens het plegen van een geweldsdelict veertien maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf is veroordeeld. Het hof acht het van belang dat deze zaak tegelijkertijd met de onderhavige zaak ter terechtzitting wordt aangebracht.
Het hof ziet bij deze stand van zaken noch aanleiding om de schorsing van de voorlopige hechtenis op te heffen noch om het bevel voorlopige hechtenis als zodanig op te heffen.
Beslissing
Het hof:
Heropent het gesloten onderzoek, schorst dit in het belang ervan en beveelt de hervatting van het onderzoek op een nader te bepalen terechtzitting.
Wijst af de vordering tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis evenals het verzoek tot opheffing van het bevel voorlopige hechtenis.
Beveelt de oproeping van de verdachte en de raadsvrouw van verdachte tegen de nog nader te bepalen terechtzitting, met kennisgeving daarvan aan de benadeelde partij en zijn raadsvrouw .
Beveelt dat de verdachte op die nadere terechtzitting in persoon zal verschijnen.
Dit tussenarrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.J.A. Duker, mr. E. Mijnsberge en mr. M. Jeltes, in tegenwoordigheid van
mr. S. Bonset, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
19 november 2024.
mr. E. Mijnsberge is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.