Belastingrecht

Uitspraak na verwijzing. OB. Compromis ter zitting over de hoogte van de boetebeschikkingen.

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 16 april 2019

Zaakgegevens

Op 16 april 2019 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
16 april 2019
Datum publicatie
18 april 2019
Zaaknummer
18/00965 t/m 18/00971
Procedure
Verwijzing na Hoge Raad
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2019:3445
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Uitspraak na verwijzing. OB. Compromis ter zitting over de hoogte van de boetebeschikkingen.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2015

    ECLI:NL:RBZWB:2015:6278
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 16 april 2019deze uitspraak

    ECLI:NL:GHARL:2019:3445

    (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan

Uitspraak

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Belastingkamer

Locatie Arnhem

nummers 18/00965 tot en met 18/00971

uitspraakdatum: 11 april 2019

nummer 05/003680

Proces-verbaal mondelinge uitspraak

appellant

: de inspecteur van de Belastingdienst (hierna: de Inspecteur)

verweerder

: de fiscale eenheid [X] B.V. c.s te [Z] (hierna: belanghebbende)

aangevallen beslissing

: uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant (hierna: de Rechtbank) van 25 september 2015, nummers AWB 14/5436 tot en met 14/5443, na verwijzing door de Hoge Raad bij arrest van 12 oktober 2018, nr. 17/05547, ECLI:NL:HR:2018:1895

betreft

: boetebeschikkingen in de omzetbelasting opgelegd over de tijdvakken april 2011, mei 2011, juli 2011 tot en met oktober 2011 en januari 2012

onderzoek ter zitting

: op 11 april 2019 te Arnhem

waarbij verschenen

: namens belanghebbende haar directeur drs. [A] alsmede mw. mr. [B] , mr. [C] en mw. mr. [D] namens de Inspecteur

gronden:

1. Gelet op het debat ter zitting in deze procedure na verwijzing zijn partijen bij wijze van compromis overeengekomen dat de onderhavige boetebeschikkingen dienen te worden verminderd tot een totaalbedrag van € 5.000.

2. Het Hof heeft dienovereenkomstig beslist. Het hoger beroep van de Inspecteur is gegrond.

proceskosten:

Het Hof acht geen termen aanwezig voor een veroordeling van de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.

beslissing:

Het Hof:

  • vernietigt de uitspraak van de Rechtbank,

  • verklaart het beroep gegrond,

  • vernietigt de uitspraken op bezwaar, en

  • vermindert de boetebeschikkingen tot een totaalbedrag van € 5.000.

Aldus gedaan door mr. R. den Ouden, voorzitter, mr. M.G.J.M. van Kempen en mr. A.J. Kromhout, in tegenwoordigheid van mr. A. Vellema als griffier.

De beslissing is op 11 april 2019 in het openbaar uitgesproken.

Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.

De griffier, De voorzitter,

(A.Vellema) (R. den Ouden)

Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 16 april 2019.

Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de verzenddatum beroep in cassatie instellen bij

de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer),

Postbus 20303,

2500 EH Den Haag.

Daarbij moet het volgende in acht worden genomen:

1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.

2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:

a. de naam en het adres van de indiener;

b de dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;

d. de gronden van het beroep in cassatie.

Tenzij de Hoge Raad anders bepaalt, zal het gerechtshof deze mondelinge uitspraak vervangen door een schriftelijke. In dat geval krijgt u de gelegenheid de gronden van het beroep in cassatie alsnog aan te voeren of aan te vullen.

Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad.

In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.