Bestuursstrafrecht
Snelheidsoverschrijding. Meting verricht m.b.v. boordsnelheidsmeter. De ambtenaar heeft de afgelezen snelheid…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 19 juni 2023
ECLI:NL:GHARL:2023:5111 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 19 juni 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/bestuursrecht/bestuursstrafrecht/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2023-5111
Zaakgegevens
Op 19 juni 2023 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 19 juni 2023
- Datum publicatie
- 19 juni 2023
- Zaaknummer
- Wahv 200.319.113/01
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2023:5111
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Snelheidsoverschrijding. Meting verricht m.b.v. boordsnelheidsmeter. De ambtenaar heeft de afgelezen snelheid op de boordsnelheidsmeter niet gecorrigeerd met de correctiewaarde die op de kalibratietabel is vermeld. Wijzing feitcode en sanctiebedrag.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
zittingsplaats Leeuwarden
|
Zaaknummer |
: Wahv 200.319.113/01 |
|
CJIB-nummer |
: 245747382 |
|
Uitspraak d.d. |
: 19 juni 2023 |
Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Overijssel van 5 oktober 2022, betreffende
[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
wonende te [woonplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is mr. N.G.A. Voorbach, kantoorhoudende te Zoetermeer.
De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.
Het verloop van de procedure
De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
De beoordeling
1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 197,- voor:
“20 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom”. Deze gedraging zou zijn
verricht op 17 november 2021om 15:38 uur op de Hoofdweg in Westerhaar-Vriezenveensewijk met
het voertuig met het kenteken [kenteken1] .
2. De gemachtigde van de betrokkene voert aan dat de ambtenaar de met het voertuig gereden snelheid in dit geval heeft vastgesteld met behulp van een gekalibreerde boordsnelheidsmeter. In het zaakoverzicht is 73 km per uur als de op de boordsnelheidsmeter afgelezen snelheid opgenomen. Als snelheid volgens de kalibratietabel staat eveneens een snelheid van 73 km per uur in het zaakoverzicht vermeld. Dit betekent dat ten onrechte geen correctie op de via de boordsnelheidsmeter afgelezen snelheid heeft plaatsgevonden overeenkomstig de bij het dienstvoertuig behorende kalibratietabel. De sanctie dient derhalve verlaagd te worden, aldus de gemachtigde.
3. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat onder meer de volgende gegevens:
“De werkelijke snelheid stelde ik vast met behulp van de gekalibreerde boordsnelheidsmeter van het dienstvoertuig door bestuurder met een gelijkblijvende of vrijwel gelijkblijvende tussenafstand te volgen.
Afgelezen snelheid boordsnelheidsmeter: 73.
Snelheid volgens kalibratietabel: 73.
Werkelijke (gecorrigeerde) snelheid: 70.
Toegestane snelheid: 50.
Overschrijding met: 20.”
4. In het dossier bevindt zich verder een Overzicht Zaakgegevens Mulder van 7 december 2021, waaruit blijkt dat de gedraging is vastgesteld met behulp van het dienstvoertuig met het kenteken
[kenteken2] . Als bijlage bij dit proces-verbaal is gevoegd de bij het betreffende voertuig behorende kalibratietabel. Deze kalibratietabel vermeldt - voor zover hier van belang -:
“km-teller werkelijk
70 67
80 76
5. In de Instructie snelheidsoverschrijdingen en snelheidsbegrenzers (2018|001) staat vermeld:
“2.1.3 Aflezen boordsnelheidsmeter
De boordsnelheidsmeter wordt met stappen van maximaal 10 kilometer gekalibreerd. De waarden waarmee moet worden gecorrigeerd om de gemeten snelheid te bepalen zijn op de in het dienstvoertuig aanwezige kalibratietabel vermeld. (…) Als de afgelezen snelheid geen tiental is, dan volgt correctie met de hoogste van de twee correctiewaarden vermeld bij de tientallen waar de afgelezen snelheid tussen ligt. De gemeten snelheid moet vervolgens nog worden gecorrigeerd met de correctie van de maximale fout uit de onder 3.1.1. vermelde correctietabel.
(…)
3.1.1 Correctietabel
De in punt 3.1. vermelde maximale fout van 3% is uitgewerkt in onderstaande correctietabel. De correctie van de maximale fout vindt plaats conform deze tabel.
Gemeten snelheid correctie 3%
0 t/m 100 km/h 3 km/h”
6. Het hof stelt vast dat de afgelezen snelheid van de boordsnelheidsmeter in dit geval 73 km per uur bedraagt. Nu deze snelheid geen tiental betreft, dient de afgelezen snelheid in dit geval gecorrigeerd te worden met de correctiewaarde die op de kalibratietabel van het dienstvoertuig is vermeld bij 80 km per uur, zijnde een correctie met 4 km/h. De correctie van de maximale fout bedraagt in dit geval 3 km per uur, waardoor de werkelijke met het voertuig van de betrokkene gereden snelheid 66 km per uur bedraagt.
7. Het voorgaande betekent dat dat de gedraging die op grond van de stukken kan worden vastgesteld en die overigens ook niet wordt bestreden, komt te luiden: “16 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom.” Het hof zal de inleidende beschikking wijzigen, in zoverre dat de feitcode en het bijbehorende sanctiebedrag dienovereenkomstig zullen worden aangepast.
8. De proceskosten komen voor vergoeding in aanmerking. Aan het indienen van het administratief beroepschrift, het beroepschrift bij de kantonrechter en het indienen van het hoger beroepschrift dienen in totaal 3 punten te worden toegekend. Het hof zal, met toepassing van artikel 2, derde lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht, voor het telefonisch horen in administratief beroep eveneens een half punt toekennen. De waarde per punt bedraagt voor het administratief beroep € 597,- en voor het (hoger) beroep € 837,-. Gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toegepast. Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 1.284,75 ((1,5 x € 597,- x 0,5) + (2 x € 837,- x 0,5)).
De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gedeeltelijk gegrond;
wijzigt de beslissing van de officier van justitie en de inleidende beschikking in zoverre, dat de omschrijving van de gedraging en de bijbehorende feitcode wordt vastgesteld op “16 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom” (feitcode VA016) en het bedrag van de sanctie
op € 149,-;
bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van artikel 11 van de Wahv teveel tot zekerheid is gesteld door de advocaat-generaal aan hem wordt gerestitueerd;
veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene tot een bedrag van € 1.284,75.
Dit arrest is gewezen door mr. De Witt, in tegenwoordigheid van mr. Pullens als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.