Strafrecht overig

Het gerechtshof bevestigt het vonnis van de rechtbank waarbij verdachte is vrijgesproken van het medeplegen…

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18 december 2018

Zaakgegevens

Op 18 december 2018 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
18 december 2018
Datum publicatie
17 december 2018
Zaaknummer
21-001139-18
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2018:10931
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Het gerechtshof bevestigt het vonnis van de rechtbank waarbij verdachte is vrijgesproken van het medeplegen van een overval op een cafetaria in Baarn.

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-001139-18

Uitspraak d.d.: 18 december 2018

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 9 februari 2018 met parketnummer 16-660028-17 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [1998] ,

wonende te [woonplaats] .

Het hoger beroep

De officier van justitie heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 4 december 2018 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. De advocaat-generaal heeft - evenals de officier van justitie - betoogd dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte één van de twee personen is geweest die op 8 september 2017 een cafetaria in Baarn hebben overvallen. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot 15 maanden jeugddetentie, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en bijzondere voorwaarden, en dat de vordering van de benadeelde partij geheel wordt toegewezen met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman, mr. L.R. Rommy, naar voren is gebracht. De verdachte ontkent betrokkenheid bij de overval. De raadsman heeft primair bepleit verdachte vrij te spreken van het tenlastegelegde.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank heeft bij vonnis van 9 februari 2018, waartegen het hoger beroep is gericht, de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde, en de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering verklaard. Het hof is van oordeel dat de rechtbank op goede gronden en op juiste wijze heeft beslist. Het hof zal het vonnis waarvan beroep dan ook met overneming van die gronden bevestigen.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep.

Aldus gewezen door

mr. I.P.H.M. Severeijns, voorzitter,

mr. J.W. Rijkers en mr. J.S. van Duurling, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. R. Hermans, griffier,

en op 18 december 2018 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

mr. J.S. van Duurling is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 18 december 2018.

Tegenwoordig:

mr. J.P. Bordes, voorzitter,

mr. drs. I.E.W. Gonzales, advocaat-generaal,

mr. B.T.H. Toonen-Janssen, griffier.

De voorzitter doet de zaak uitroepen.

De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.

De voorzitter spreekt het arrest uit.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.