Strafrecht overig

Vervalste bezoekersparkeerkaart. Op de foto die de ambtenaar heeft gemaakt is een bezoekerskaart te zien…

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14 januari 2020

Zaakgegevens

Op 14 januari 2020 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
14 januari 2020
Datum publicatie
14 januari 2020
Zaaknummer
Wahv 200.232.823/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2020:282
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vervalste bezoekersparkeerkaart. Op de foto die de ambtenaar heeft gemaakt is een bezoekerskaart te zien waarop geen datum is ingevuld. Daarmee is deze kaart geen geldige parkeervergunning. Een bezoekerskaart mét datum, die de gemachtigde van de betrokkene in beroep heeft ingestuurd, wordt als vervalst document aangemerkt.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingsplaats Leeuwarden

Zaaknummer

: Wahv 200.232.823/01

CJIB-nummer

: 195767226

Uitspraak d.d.

: 14 januari 2020

Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Oost-Brabant van 4 december 2017, betreffende

[betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende te [A] .

De gemachtigde van de betrokkene is mr. [B] , kantoorhoudende te [C] .

Het tussenarrest

De inhoud van het tussenarrest van 19 november 2019 wordt hier overgenomen.

Het verdere procesverloop

Op 29 november 2019 is aanvullende informatie van de advocaat-generaal ontvangen en (in kopie) doorgestuurd aan de gemachtigde van de betrokkene. Deze heeft de gelegenheid gekregen daarop te reageren. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

Beoordeling

1. De gemachtigde voert onder meer aan dat de officier van justitie de hoorplicht heeft geschonden, hetgeen door de kantonrechter is miskend. Van een kennelijk ongegrond beroep is namelijk geen sprake.

2. Het hof stelt vast dat het verzoek om te worden gehoord in administratief beroep op juiste wijze is gedaan. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat het beroep niet kan worden aangemerkt als kennelijk ongegrond, heeft de officier van justitie ten onrechte van het horen afgezien. Dit brengt mee dat de kantonrechter de beslissing van de officier van justitie niet in stand had mogen laten. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter daarom vernietigen, het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond verklaren en die beslissing vernietigen. Vervolgens zal het hof overgaan tot de beoordeling van het beroep tegen de inleidende beschikking.

3. Bij voormeld tussenarrest heeft het hof de advocaat-generaal verzocht om nadere informatie te verstrekken ter beantwoording van de vraag welke gegevens op het moment van de vermeende gedraging waren ingevuld op de in het voertuig van de betrokkene aanwezige bezoekerskaart.

4. De advocaat-generaal heeft hierop het brondocument met bijbehorende foto’s overgelegd. Het hof stelt vast dat op deze foto’s een voertuig met kenteken [00-YYY-0] is te zien. Achter de voorruit van dit voertuig ligt een bezoekerskaart. Op deze kaart is op de plaats van de datum (deels buiten de vakjes) het kenteken geschreven. De vakjes waar het kenteken moet worden ingevuld zijn leeg. Er is geen datum ingevuld.

5. Nu op het moment van de constatering op de gebruikte bezoekerskaart - anders dan op de door de gemachtigde in administratief beroep overgelegde bezoekerspas, die daarmee als vervalst document moet worden aangemerkt - geen datum was ingevuld, is de gebruikte bezoekerskaart niet aan te merken als een geldige parkeervergunning. Aldus kan worden vastgesteld dat de gedraging is verricht en dat daarvoor terecht een sanctie is opgelegd. Het beroep tegen de inleidende beschikking zal dan ook ongegrond worden verklaard.

6. Omdat de inleidende beschikking niet wordt vernietigd, is er geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding (vgl. het arrest van het hof van 1 mei 2019, gepubliceerd op rechtspraak.nl met vindplaats ECLI:NL:GHARL:2019:3197).

Beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt de beslissing van de kantonrechter;

verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond en vernietigt die beslissing;

verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond;

wijst het verzoek om vergoeding van kosten af.

Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Starreveld als griffier en op een openbare zitting uitgesproken.