Strafrecht overig
Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank uitsluitend voor wat betreft de beslissing op één van de…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 21 september 2020
ECLI:NL:GHARL:2020:7703 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 21 september 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2020-7703
Zaakgegevens
Op 21 september 2020 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 21 september 2020
- Datum publicatie
- 25 september 2020
- Zaaknummer
- 21-003760-19
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2020:7703
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank uitsluitend voor wat betreft de beslissing op één van de vorderingen van de benadeelde partijen. Het vonnis van de rechtbank wordt voor het overige bevestigd.
Uitspraak
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-003760-19
Uitspraak d.d.: 21 september 2020
VERSTEK
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 4 juli 2019 met parketnummer 16-057706-19 in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989,
wonende te [woonplaats] .
Het hoger beroep
De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 7 september 2020 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot vrijspraak van verdachte van het tenlastegelegde. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het vonnis waarvan beroep
De rechtbank heeft bij vonnis van 4 juli 2019, waartegen het hoger beroep is gericht, de verdachte ter zake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met een proeftijd van 2 jaren.
De vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1] is toegewezen tot een bedrag van € 100,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 februari 2019 en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De benadeelde partij [benadeelde 2] is niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering.
Het hof is van oordeel dat de rechtbank op juiste gronden heeft beslist. Het hof zal het vonnis dan ook met overneming van die gronden bevestigen, met uitzondering van de beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] , nu deze vordering niet meer aan de orde is omdat deze benadeelde partij zich in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd in het strafproces. Het hof zal het vonnis van de rechtbank voor wat betreft dit onderdeel vernietigen.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep uitsluitend voor wat betreft de beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] .
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Aldus gewezen door
mr. L.J. Bosch, voorzitter,
mr. W. Foppen en mr. R.R.H. Laurens, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. C.A. Verstraaten, griffier,
en op 21 september 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
mr. R.R.H. Laurens is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.