Strafrecht overig
Bevestiging beslissing rechtbank waarbij is bevolen dat de terbeschikkinggestelde alsnog van overheidswege…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 2 december 2021
ECLI:NL:GHARL:2021:11220 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 2 december 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2021-11220
Zaakgegevens
Op 2 december 2021 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 2 december 2021
- Datum publicatie
- 7 december 2021
- Zaaknummer
- P21/0307
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2021:11220
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Bevestiging beslissing rechtbank waarbij is bevolen dat de terbeschikkinggestelde alsnog van overheidswege zal worden verpleegd. De terbeschikkinggestelde heeft meerdere keren de voorwaarden overtreden door niet (de voorgeschreven dosering) medicatie te willen innemen, terwijl medicatie een essentieel onderdeel is van de behandeling van zijn problematiek. De vele inspanningen die zijn verricht om de situatie van de terbeschikkinggestelde te stabiliseren (o.a. crisisopname en zorgmachtiging) hebben niet geleid tot een positief resultaat. De gestelde voorwaarden blijken onvoldoende om de veiligheid te waarborgen en de problematiek van de terbeschikkinggestelde positief te beïnvloeden. Alsnog verpleging van overheidswege is dan ook aangewezen.
Uitspraak
TBS P21/0307
Beslissing d.d. 2 december 2021
De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van
[terbeschikkinggestelde] ,
geboren te [geboorteplaats] (Iran) op [geboortedag] 1986,
verblijvende in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum (PPC) te [behandelplaats] .
Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Midden-Nederland,
zittingsplaats Lelystad, van 2 augustus 2021. Deze beslissing houdt in het bevel dat de
terbeschikkinggestelde alsnog van overheidswege zal worden verpleegd.
Het hof heeft gelet op de stukken, waaronder:
-
het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;
-
de beslissing waarvan beroep;
-
de akte van beroep van de terbeschikkinggestelde van 4 augustus 2021;
-
het aanvullend advies van GGZ Reclassering Inforsa van 2 november 2021.
Het hof heeft ter zitting van 18 november 2021 gehoord de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. K. Bruil, advocaat te Almere, en de advocaat-generaal mr. L.H.J. Vijlbrief-Smit. Daarnaast is als deskundige gehoord [reclasseringswerker] , reclasseringswerker.
Overwegingen:
Het standpunt van de terbeschikkinggestelde
Het klopt niet dat de terbeschikkinggestelde in het geheel niet bereid is om medicatie in te nemen. Hij is het alleen niet eens met de voorgeschreven dosering, omdat hij daardoor veel last van bijwerkingen heeft. De terbeschikkinggestelde vindt dat er op dit punt niet naar hem wordt geluisterd. De door de kliniek gestelde bedreiging van de psychiater moet in dat licht dan ook eerder worden opgevat als een uiting van frustratie dan als een daadwerkelijke bedreiging. Er is door dit handelen van de terbeschikkinggestelde niet een dusdanig risico ontstaan dat verpleging van overheidswege thans is vereist. Kijkend naar de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit is het alsnog verplegen van overheidswege niet passend. Voor een kliniek die is gespecialiseerd in de problematiek van de terbeschikkinggestelde, zou één incident niet al een reden moeten zijn om alsnog de verpleging van overheidswege te adviseren. De raadsvrouw heeft primair verzocht de vordering van de officier van justitie tot alsnog verpleging van overheidswege af te wijzen.
Subsidiair heeft de raadsvrouw verzocht om de behandeling van de zaak aan te houden, teneinde uitvoeriger onderzoek te laten verrichten naar de mogelijkheden van het voortzetten van de behandeling binnen het huidige voorwaardelijke kader in een andere kliniek.
Het standpunt van het openbaar ministerie
De terbeschikkingstelling met voorwaarden is bedoeld voor personen die bereid én in staat zijn om zich aan voorwaarden te houden. De terbeschikkinggestelde wil de hem voorgeschreven dosering medicatie niet innemen, terwijl dit één van de voorwaarden van de maatregel is. Uiteindelijk is er een zorgmachtiging afgegeven om te bewerkstelligen dat hij de voorgeschreven medicatie inneemt. Maar het is niet de bedoeling dat een ander kader nodig is om één van de voorwaarden van de terbeschikkingstelling te kunnen afdwingen. Daarnaast heeft de terbeschikkinggestelde een nieuw strafbaar feit gepleegd door de psychiater te bedreigen. Het recidiverisico wordt als zeer hoog ingeschat. Gelet op het overtreden van de voorwaarden en het belang van de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen is verpleging van overheidswege vereist. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing van de rechtbank.
Het oordeel van het hof
Afwijzing verzoek
Het hof acht zich op basis van de aanwezige informatie voldoende voorgelicht om te kunnen
oordelen over het door de terbeschikkinggestelde ingediende beroep. Het verzoek om nader
onderzoek te laten verrichten naar een instelling waar de terbeschikkinggestelde in het
huidige kader kan verblijven wordt afgewezen. De noodzakelijkheid daarvan is niet
gebleken.
Bevestiging
Het hof is van oordeel dat de rechtbank op goede gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist. Daarom zal de beslissing, waarvan beroep met overneming van die gronden worden bevestigd.
De terbeschikkinggestelde heeft niet één maar meerdere keren de voorwaarden overtreden door geen althans niet de voorgeschreven dosering medicatie te willen innemen, terwijl medicatie een essentieel onderdeel is van de behandeling van zijn problematiek. Nadat hij decompenseerde, met als gevolg verbaal en fysiek agressief gedrag richting de verpleging, heeft er een verlengde crisisopname in een instelling met een hoger beveiligingsniveau plaatsgevonden. Omdat de situatie van de terbeschikkinggestelde niet verbeterde en er opnieuw heftige psychotische klachten ontstonden, is een zorgmachtiging afgegeven om te bewerkstellingen dat dwangmedicatie kan worden toegediend. Ook dit heeft niet geleid tot een stabiele situatie.
Uit het aanvullend advies van de reclassering blijkt dat de terbeschikkinggestelde zich in PPC [behandelplaats] opnieuw onbehandelbaar opstelt en er wederom sprake is van (verbaal) agressief gedrag. Ook weigert hij medicatie-inname.
Het hof stelt vast dat de vele inspanningen die zijn verricht om de situatie van de terbeschikkinggestelde te stabiliseren niet hebben geleid tot een positief resultaat. De gestelde voorwaarden blijken onvoldoende om de veiligheid te waarborgen en de problematiek van de terbeschikkinggestelde positief te beïnvloeden. Alsnog verpleging van overheidswege is dan ook aangewezen.
Beslissing
Het hof:
Wijst af het verzoek om onderzoek te laten verrichten naar een instelling
waar de terbeschikkinggestelde in het huidige kader kan verblijven.
Bevestigt de beslissing van de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelystad, van 2 augustus 2021 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [terbeschikkinggestelde].
Aldus gedaan door
mr. M.E. van Wees als voorzitter,
mr. G. Mintjes en mr. E.A.K.G. Ruys als raadsheren,
en drs. I.M. van Woudenberg en drs. I. van Outheusden als raden,
in tegenwoordigheid van mr. C.J. Broersma als griffier,
en op 2 december 2021 in het openbaar uitgesproken.
mr. E.A.K.G. Ruys en de raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.