Belastingrecht
BK-24/1077. Verschoningsverzoek toegewezen.
Gerechtshof Den Haag, 23 mei 2025
ECLI:NL:GHDHA:2025:1480 · Gerechtshof Den Haag · 23 mei 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/bestuursrecht/belastingrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2025-1480
Zaakgegevens
Op 23 mei 2025 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 23 mei 2025
- Datum publicatie
- 29 juli 2025
- Zaaknummer
- 200.354.487/01
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Belastingrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1480
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
BK-24/1077. Verschoningsverzoek toegewezen.
Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Zaaknummer hoofdzaak: BK-24/1077
Zaaknummer verschoning: 200.354.487/01
Beslissing van de meervoudige kamer voor de behandeling van wrakings- en verschoningsverzoeken van 23 mei 2025
inzake het schriftelijk verzoek om verschoning, als bedoeld in artikel 8:19 van de Algemene wet bestuursrecht
mr. A.P. Bliek-Monsma
raadsheer-plaatsvervanger in dit gerechtshof,
hierna: de raadsheer,
als lid van de meervoudige belastingkamer belast met de behandeling van het hoger beroep in de zaak met nummer BK-24/1077
van
[X] , belanghebbende,
Gemachtigde: L.E.C. Neve
De procedure
1. Partijen zijn op 29 april 2025 uitgenodigd voor de mondelinge behandeling van het hoger beroep door de meervoudige kamer van dit gerechtshof op dinsdag 3 juni 2025 te 12:00 uur.
2. In de uitnodiging van 29 april 2025 is de samenstelling van de kamer aan partijen bekendgemaakt.
3. Bij verzoekschrift van 13 mei 2025 heeft de raadsheer verzocht zich te mogen verschonen in de voorlopige voorzieningenprocedure.
4. Het verschoningsverzoek is buiten zitting inhoudelijk behandeld.
Het verschoningsverzoek
5. Het verschoningsverzoek is – samengevat – gebaseerd op het feit dat de raadsheer te kennen heeft gegeven dat zij de belanghebbende en zijn gemachtigde kent via haar vorige werkkring […] . Daarnaast heeft zij aangegeven vanuit haar functie in deze werkkring bemoeienis te hebben gehad met de gemachtigde van belanghebbende met wie zij (inhoudelijk) heeft gesproken over de (ook) aan deze zaak ten grondslag liggende rechtsvraag. Tot slot heeft de raadsheer te kennen gegeven dat zij in de hiervoor genoemde hoedanigheid de belanghebbende heeft doorverwezen naar de gemachtigde, de heer L.E.C. Neve.
Beoordeling van het verschoningsverzoek
6. In artikel 8:19 in verbinding met artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht is bepaald dat op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden, elk van de rechters die een zaak behandelt kan verzoeken zich te mogen verschonen.
7. Bij beoordeling van een verschoningsverzoek dient uitgangspunt te zijn dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich een uitzonderlijke omstandigheid voordoet, die een zwaarwegende aanwijzing oplevert voor het oordeel dat een rechter jegens een partij bij een geding een vooringenomenheid koestert. Daarnaast kan er onder omstandigheden reden zijn voor verschoning als de bij een partij bestaande vrees voor onpartijdigheid van die rechter objectief gerechtvaardigd is.
8. Gelet op de in het verzoek gegeven toelichting is de kamer voor de behandeling van wrakings- en verschoningsverzoeken van oordeel dat het verzoek voor toewijzing vatbaar is, aangezien de daarin aangevoerde gronden dusdanig zijn dat de vrees voor vooringenomenheid, althans de schijn daarvan, gerechtvaardigd is.
Beslissing
Het hof:
-
wijst het door mr. A.P. Bliek-Monsma gedane verzoek om verschoning toe;
-
bepaalt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan de gemachtigde van belanghebbende, de Heffingsambtenaar, de raadsheer die om de verschoning heeft verzocht en de teamvoorzitter van de raadsheer.
Deze beslissing is gegeven op 23 mei 2025 door mrs. E.M. Dousma-Valk, C.A. Joustra en J. Candido in aanwezigheid van de griffier mr. R.E. Stolk.