Strafrecht overig
dagvaarding hoger beroep nietig
ECLI:NL:GHDHA:2021:2864 · Gerechtshof Den Haag · 3 november 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2021-2864
Zaakgegevens
Op 3 november 2021 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 3 november 2021
- Datum publicatie
- 29 juli 2022
- Zaaknummer
- 22-000555-21.a
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2021:2864
Samenvatting
dagvaarding hoger beroep nietig
Uitspraak
Inhoudsopgave
Rolnummer: 22-000555-21
Parketnummer: 10-690250-13
Datum uitspraak: 3 november 2021
VERSTEK
Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 19 november 2014 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte]
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977,
adres: [woonadres] te [woonplaats] ([land]).
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 100 uren subsidiair 50 dagen hechtenis. Voorts is een beslissing genomen omtrent de vordering van de benadeelde partij, zoals omschreven in het vonnis waarvan beroep.
Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Geldigheid van de dagvaarding in hoger beroep
Ter terechtzitting in hoger beroep van 3 november 2021 is gebleken dat de betekening van de dagvaarding van de verdachte om op die terechtzitting te verschijnen, niet heeft plaatsgevonden overeenkomstig de voorschriften van artikel 36e van het Wetboek van Strafvordering. De dagvaarding is immers op 14 september 2021 uitgegaan aan de verdachte als wonende te [woonadres] te [woonplaats] ([land]), terwijl volgens een overzicht van de gegevens uit de Basisregistratie Personen van 8 september 2021 de verdachte op die datum ingeschreven stond op het adres [adres 1] te [plaats] ([land]).
Daarom dient die dagvaarding, nu de verdachte niet ter terechtzitting in hoger beroep is verschenen, nietig te worden verklaard.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door mr. A.L. Frenkel, mr. F.W. van Lottum en mr. R. van der Hoeven, in bijzijn van de griffier mr. F.A. Janse.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 3 november 2021.
De griffier is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.