Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden, 3 oktober 2001
ECLI:NL:GHLEE:2001:AD8122 · Gerechtshof Leeuwarden · 3 oktober 2001
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-leeuwarden/bestuursrecht/bestuursstrafrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghlee-2001-ad8122
Zaakgegevens
Op 3 oktober 2001 heeft het Gerechtshof Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 3 oktober 2001
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- WAHV 01/00206
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHLEE:2001:AD8122
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Uitspraak
WAHV 01/00206
3 oktober 2001
CJIB 33766798
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Roermond
van 7 februari 2001
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
gevestigd te [woonplaats].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Roermond ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
3. Beoordeling
3.1. In het beroepschrift wordt gesteld, dat de kantonrechter de brief van de betrokkene d.d. 18 augustus 2000, gericht aan het CJIB en door deze instantie doorgezonden aan de kantonrechter, ten onrechte heeft opgevat als houdende beroep tegen de beslissing van de officier van justitie.
3.2. Nu in bedoelde brief inderdaad niet wordt gerept van enig bezwaar tegen de beslissing van de officier van justitie doch slechts aan het CJIB wordt medegedeeld dat de betrokkene, aan wie als kentekenhouder een administratieve sanctie was opgelegd, de beslissing van de officier van justitie heeft doorgeleid naar de bestuurder, en voorts vaststaat dat de laatste inmiddels de sanctie heeft voldaan, heeft de kantonrechter voormelde brief ten onrechte opgevat als een beroepschrift. De kantonrechter ontbrak derhalve de grondslag om over voornoemde beslissing van de officier van justitie te oordelen. Derhalve dient de beslissing van de kantonrechter te worden vernietigd.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
Dit arrest is gewezen door mrs Vellinga, Kalsbeek en Van Dijk, in tegenwoordigheid van mr Bennen als griffier en uitgesproken ter openbare zitting