Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden, 7 februari 2001
ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0107 · Gerechtshof Leeuwarden · 7 februari 2001
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-leeuwarden/bestuursrecht/bestuursstrafrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghlee-2001-zj0107
Zaakgegevens
Op 7 februari 2001 heeft het Gerechtshof Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 7 februari 2001
- Datum publicatie
- 8 april 2013
- Zaaknummer
- WAHV 00-00348
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0107
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Uitspraak
WAHV 00/00348
7 februari 2001
CJIB 27384449
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Groningen
van 2 februari 2000
betreffende
[naam] (hierna te noemen: betrokkene),
zetelend te [plaatsnaam].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Groningen niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft een “tweede aanmaning” van het CJIB d.d. 27 september 2000 geretourneerd aan het CJIB. De betrokkene heeft hierbij een computeruitdraai gevoegd inhoudende gegevens van de verhuur van een auto in de periode 21 juni 1999 tot en met 21 juli 1999. Het CJIB heeft deze stukken vervolgens gezonden naar het arrondissementsparket te Groningen. Het parket heeft de stukken doorgezonden naar de griffie van het kantongerecht, waar deze stukken zijn aangemerkt als een beroepschrift, gericht tegen de beslissing van de kantonrechter d.d. 2 februari 2000. Vervolgens zijn deze stukken aan de griffie van het hof gezonden.
Het hof heeft de advocaat-generaal in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, waarvan gebruik is gemaakt.
De betrokkene is in de gelegenheid gesteld op het verweerschrift te reageren. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Het hof is van oordeel, dat de door de betrokkene aan het CJIB toegezonden stukken moeten worden opgevat als een verzoek aan de officier van justitie om de inleidende beschikking in te trekken dan wel de inning van de opgelegde sanctie stop te zetten. Gelet hierop zijn deze stukken door het arrondissementsparket ten onrechte doorgezonden naar de griffie van het kantongerecht. Nu deze stukken geen beroep inhouden tegen de beslissing van de kantonrechter van 2 februari 2000, zijn deze vervolgens ten onrechte doorgezonden naar de griffie van het hof.
3.2. Gelet op het vorenoverwogene zal het hof meergenoemde stukken ter behandeling doorzenden naar de officier van justitie te Groningen, onder gelijktijdige mededeling hiervan aan de betrokkene.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
zendt de “tweede aanmaning” d.d. 27 september 2000 met bijlage ter behandeling door naar de officier van justitie te Groningen.
Dit arrest is gewezen door mr Vellinga, vice-president, in tegenwoordigheid van mr Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 7 februari 2001.