Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden, 22 mei 2002
ECLI:NL:GHLEE:2002:AE3590 · Gerechtshof Leeuwarden · 22 mei 2002
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-leeuwarden/bestuursrecht/bestuursstrafrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghlee-2002-ae3590
Zaakgegevens
Op 22 mei 2002 heeft het Gerechtshof Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 22 mei 2002
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- WAHV 01-00479
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHLEE:2002:AE3590
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Uitspraak
WAHV 01/00479
22 mei 2002
CJIB 24222402
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Groningen
van 8 augustus 2001
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
gevestigd te [plaats]
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Groningen niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
Op deze plaats wordt geacht te zijn overgenomen hetgeen in het tussenarrest van 30 januari 2002 onder de kop "Het procesverloop" is vermeld.
De advocaat-generaal heeft zich uitgelaten over de vraag gesteld in het tussenarrest. Daarbij heeft de advocaat-generaal tevens aanvullende informatie aan het hof overgelegd. De betrokkene is in de gelegenheid gesteld hierop te reageren, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Op deze plaats wordt geacht te zijn overgenomen hetgeen in het tussenarrest van 30 januari 2002 onder de kop "Beoordeling" in r.o. 3.1. tot en met 3.7. is overwogen.
3.2. Nu de betrokkene is opgehouden te bestaan, is aan de inleidende beschikking de grond komen te ontvallen.
3.3. Gelet op het vorenoverwogene dienen de beslissing van de kantonrechter, de beslissing van de officier van justitie en de inleidende beschikking vernietigd te worden.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
vernietigt de beslissing van de officier van justitie d.d. 16 mei 2001, alsmede de inleidende beschikking waarbij onder CJIB-nr. 24222402 de administratieve sanctie is opgelegd.
Dit arrest is gewezen door mrs. Vellinga, Huisman en Van Dijk, in tegenwoordigheid van mr. Muntinga als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.