Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden, 17 juli 2002
ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6265 · Gerechtshof Leeuwarden · 17 juli 2002
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-leeuwarden/bestuursrecht/bestuursstrafrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghlee-2002-ae6265
Zaakgegevens
Op 17 juli 2002 heeft het Gerechtshof Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 17 juli 2002
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- WAHV 02-00358
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6265
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Uitspraak
WAHV 02/00358
17 juli 2002
CJIB 40745504
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter van de rechtbank te Haarlem
van 6 februari 2002
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Haarlem ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van f 180,--
(€81,68 euro) opgelegd ter zake van "niet stoppen voor rood licht bij driekleurig verkeerslicht", welke gedraging zou zijn verricht op 14 maart 2001 op de Herenweg te Heemstede.
3.2. De betrokkene stelt dat hij de gedraging heeft verricht onder zodanige omstandigheden dat deze het opleggen van de onderhavige administratieve sanctie niet billijken dan wel tot matiging van de opgelegde sanctie dienen te leiden. Daartoe voert hij aan, dat hij achter een trailer voor het verkeerslicht op de linkerrijstrook voor naar links afslaand verkeer stil stond, dat op een gegeven moment de trailer afsloeg, dat de betrokkene de trailer volgde waarbij de betrokkene het verkeerslicht door de hoogte van de trailer niet kon waarnemen en dat de trailer in de bocht zodanig langzaam manoeuvreerde dat de betrokkene gedwongen was om door te rijden terwijl hij niet kon waarnemen welke kleur het verkeerslicht uitstraalde.
3.3. Het zaakoverzicht van het CJIB d.d. 26 juli 2001 houdt als toelichting van de verbalisant onder meer in: "Het verkeerslicht stond ongeveer 2 seconden op rood op het moment dat betrokkene dit negeerde."
3.4. Anders dan de betrokkene wil zijn de door hem genoemde omstandigheden niet van dien aard dat deze het opleggen van de onderhavige administratieve sanctie niet billijken of tot matiging van de opgelegde sanctie dienen te leiden. De betrokkene diende immers zijn afstand tot de trailer in relatie tot de hoogte daarvan en tot zijn eigen snelheid zodanig aan te passen dat hij zo tijdig zicht zou hebben op het verkeerslicht dat hij kon stoppen op het moment dat dit rood licht uitstraalde. Nu de betrokkene erkent de trailer op zo korte afstand te hebben gevolgd dat hij het verkeerslicht niet kon waarnemen, komt het verrichten van de verboden gedraging dus geheel voor zijn rekening. Derhalve zijn er geen omstandigheden gebleken van dien aard dat deze het opleggen van de onderhavige administratieve sanctie niet billijken of welke tot matiging van de opgelegde sanctie dienen te leiden.
3.5. De beslissing van de kantonrechter dient derhalve te worden bevestigd.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter.
Dit arrest is gewezen door mr. Vellinga, in tegenwoordigheid van mr. Muntinga als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.