Burgerlijk procesrecht
Internationale bevoegdheid. Forumkeuze in voettekst onder e-mails en orderbevestigingen, verzonden na…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 13 januari 2026
ECLI:NL:GHSHE:2026:36 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 13 januari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2026-36
Zaakgegevens
Op 13 januari 2026 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 13 januari 2026
- Datum publicatie
- 13 januari 2026
- Zaaknummer
- 200.349.266_01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. E Jansberg te Eindhoven, mr. A.A.M Knol te 's-Gravenhage
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2026:36
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Internationale bevoegdheid. Forumkeuze in voettekst onder e-mails en orderbevestigingen, verzonden na bereiken overeenstemming. Geen blijk dat beide partijen met de forumkeuze instemmen.
Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Team Handelsrecht
zaaknummer 200.349.266/01
arrest van 13 januari 2026
in de zaak van
Bridge Polymers SL,
gevestigd te [vestigingsplaats] , Spanje
appellante,
hierna te noemen Bridge,
advocaat: mr. E. Jansberg te Eindhoven,
tegen
Agencia Intermediacion Residuos Y Soluciones Ambientales SL,
gevestigd te [vestigingsplaats] , Spanje
geïntimeerde,
hierna te noemen Agencia,
advocaat: mr. A.A.M. Knol te 's-Gravenhage,
op het bij exploot van dagvaarding van 22 oktober 2024 ingeleide hoger beroep van het vonnis in incident, van 24 juli 2024, door de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 'sHertogenbosch, gewezen tussen Bridge als eiseres in de hoofdzaak, tevens verweerster in het incident en Agencia als gedaagde in de hoofdzaak, tevens eiseres in het incident.
1 De kern van de zaak
Bridge en Agencia zijn twee in Spanje gevestigde ondernemingen, die zaken met elkaar hebben gedaan. Daarna is onenigheid ontstaan over de betaling van de daarmee gemoeide facturen. Om Agencia tot betaling te dwingen is Bridge een procedure tegen Agencia begonnen bij de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch. Volgens Bridge is die rechter bevoegd op grond van een forumkeuze die bij het sluiten van de overeenkomsten door partijen is gemaakt.
Agencia heeft in incident de bevoegdheid van de Nederlandse rechter bestreden. Volgens haar hebben partijen geen forumkeuze gemaakt voor deze rechter, zodat volgens de normale regels de Spaanse rechter bevoegd is.
De rechtbank heeft zich onbevoegd verklaard omdat volgens haar geen sprake is van een (geldige) forumkeuze bij het sluiten van de contracten tussen Bridge en Agencia, terwijl Agencia als gedaagde in de hoofdzaak geen woonplaats heeft in Nederland en bevoegdheid van de Nederlandse rechter ook niet op enige andere grond kan worden aangenomen.
Bridge is van dit incidentele vonnis in hoger beroep gekomen. Het hof komt tot hetzelfde oordeel als eerder de rechtbank en zal het incidentele vonnis bekrachtigen
2 Het verloop van het geding
Voor het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/402189 / HA ZA 24-171) verwijst het hof naar voormeld incidentele vonnis (verder het “vonnis”).
Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit:
-
de dagvaarding in hoger beroep;
-
de memorie van grieven met producties39 tot en met 41;
-
de memorie van antwoord;
-
de mondelinge behandeling, waarbij beide partijen spreekaantekeningen hebben overgelegd.
Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.
3 De feiten
Beide partijen zijn in Spanje gevestigd.
In de hoofdzaak vordert Bridge betaling door Agencia van vier facturen voor geleverde goederen. Voorafgaand aan elke levering hadden (medewerkers van) Bridge en Agencia telefonisch of per WhatsApp contact en werd ook langs die weg afgesproken wat en voor welke prijs door Bridge aan Agencia geleverd zou gaan worden. Daarna stuurde Bridge een orderbevestiging per e-mail aan Agencia. Vervolgens werden de goederen geleverd, waarna door Bridge, wederom per e-mail, een factuur werd verstuurd. Bridge verstuurt uitsluitend orderbevestigingen en geen offertes; zo heeft zij haar werkproces nou eenmaal ingericht.
Onderaan de orderbevestigingen en facturen staat steeds, in een kleinere lettergrootte dan de hoofdtekst, de volgende voettekst:
“Pallets used can be property of PRS. If so they have to be returned and will be collected by PRS.
Kindly note that if not specifically mentioned otherwise the products listed above are Non Prime Materials, all material names are thus only indicative. NO CLAIMS in respect to defective or non confirming goods will be taken into consideration unless a certain
specification is explicitly mentioned on the order confirmation, earlier sent to you, relevant to the Batches on this document.
The attached general terms and conditions of Bridge Polymers apply to this order. These general terms and conditions contain a limitation of liability. All agreements with Bridge Polymers are governed by Dutch law (CISG is excluded).The District Court 'Rechtbank
Oost-Brabant (the Netherlands) is the only court with jurisdiction to consider disputes concerning agreements with Bridge Polymers [onderstreping: hof], unless Bridge Polymers appoints the competent court in the country of the buyer as court with jurisdiction.
The applicability of any other general terms and conditions which may be used by the other party or to which the other party may refer in any manner whatsoever is hereby specifically rejected.”
Onderaan vanuit Bridge verzonden e-mails staat steeds, ook in een kleinere lettergrootte dan de hoofdtekst, de volgende voettekst:
“Our services are subject to the General Terms & Conditions of Bridge Polymers. These general terms and conditions contain a limitation of liability. All agreements with Bridge Polymers are governed by Dutch law (CISG is excluded). The District Court ‘Rechtbank Oost-Brabant’ (the Netherlands) is the only court with jurisdiction to consider disputes concerning agreements with Bridge Polymers, unless Bridge Polymers appoints the competent court in the country of the buyer as court with jurisdiction.”
4 Standpunten van partijen en het oordeel van de rechtbank.
In eerste aanleg
In eerste aanleg heeft Bridge – samengevat en voor zover hier van belang – gevorderd dat Agencia wordt veroordeeld tot betaling van € 39.326,69, vermeerderd met contractuele rente en (buitengerechtelijke) kosten.
Agencia heeft daarop in incident gevorderd dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart om van de hoofdzaak kennis te nemen. Agencia heeft daartoe, samengevat en voor zover hier van belang, aangevoerd dat Agencia geen woonplaats in Nederland heeft en partijen ook geen forumkeuze hebben gemaakt waardoor een Nederlandse rechter bevoegd zou zijn.
Bridge heeft verweer gevoerd in het incident en geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Agencia, met veroordeling, uitvoerbaar bij voorraad, van Agencia in de proceskosten. Zij heeft zich daarbij beroepen op de onder 3.3 en 3.4 geciteerde voetteksten.
De rechtbank heeft zich onbevoegd verklaard en Bridge, uitvoerbaar bij voorraad, veroordeelt in de proceskosten in zowel de hoofdzaak, als het incident. De rechtbank heeft daartoe overwogen dat de bevoegdheid moet worden vastgesteld op basis van de Verordening (EU) Nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (herschikking) (verder: “Brussel I bis-Vo”). De rechtbank oordeelt vervolgens dat niet is voldaan aan de voorwaarden van artikel 25 lid 1, onder a, b of c Brussel I bis-vo, zodat geen geldige forumkeuze tot stand is gekomen. Ook is volgens de rechtbank niet gebleken van enige andere grond voor bevoegdheid van de Nederlandse rechter.
In hoger beroep
Bridge vordert in het hoger beroep dat het vonnis wordt vernietigd, de incidentele vorderingen van Agencia (alsnog) worden afgewezen en de vorderingen van Bridge in de hoofdzaak alsnog worden toegewezen, met veroordeling van Agencia in de kosten in beide instanties en tot terugbetaling van wat Bridge uit hoofde van het vonnis in eerste aanleg al aan Agencia heeft betaald, vermeerderd met de wettelijke rente. Bridge heeft daartoe vier grieven geformuleerd.
Agencia heeft de grieven bestreden en geconcludeerd tot bekrachtiging van het vonnis met veroordeling van Bridge in de kosten van het hoger beroep.
5 De beoordeling
Omvang van het hoger beroep en beoordelingskader
Omdat, zoals hiervoor al opgemerkt, beide partijen in Spanje gevestigd zijn, heeft deze zaak een internationaal karakter en gaat het in deze zaak (vooralsnog) uitsluitend om de vraag naar de bevoegdheid van de Nederlandse rechter.
Omdat beide partijen binnen de Europese Unie zijn gevestigd, moet de bevoegdheid worden vastgesteld op basis van Brussel I bis-vo. Op basis van de hoofdregel van artikel 4 Brussel I bis-vo is in dit geval de Spaanse rechter bevoegd, omdat Agencia als gedaagde haar woonplaats in Spanje heeft. Van die hoofdregel kan door partijen echter worden afgeweken op de wijzen als voorzien in artikel 25 lid 1 Brussel I bis-vo. De vraag die in deze procedure voorligt, is dan ook of een geldige forumkeuze als bedoeld in dat artikel is gemaakt. Dat is tussen partijen ook niet in geschil.
Wat evenmin (nog) in geschil is, is dat in dit geval sowieso geen sprake is van een forumkeuze in een van de vormen als bedoeld in artikel 25 lid 1, sub b of sub c Brussel I bis-vo. Tegen de overwegingen waarin de rechtbank in die zin heeft geoordeeld, heeft Bridge ook niet gegriefd.
Dit hoger beroep beperkt zich daarom louter tot het oordeel van de rechtbank dat ook geen geldige forumkeuze in de vorm als bedoeld in artikel 25 lid 1, sub a Brussel I bis-vo is gemaakt. Een geldige forumkeuze conform deze bepaling is gemaakt als partijen bij een schriftelijke overeenkomst of bij een schriftelijk bevestigde mondelinge overeenkomst een bevoegd gerecht aanwijzen.
Volgens vaste rechtspraak moet de rechter bij de beoordeling van de vraag of een geldige forumkeuze is gemaakt nagaan of het ingeroepen forumkeuzebeding daadwerkelijk voorwerp is geweest van wilsovereenstemming tussen partijen, die duidelijk en nauwkeurig tot uiting moet komen en moeten de vormvereisten van artikel 25 lid 1 Brussel I bis-vo strikt worden uitgelegd. Of naar nationaal recht een forumkeuze overeen is gekomen dient de rechter daarnaast buiten beschouwing te laten, omdat de forumkeuze op basis van artikel 25 lid 1 Brussel I bis-vo verordeningautonoom moet worden uitgelegd.
Bespreking van de grieven
Grief II
Grief 2 is gericht tegen de feitenvaststelling in het vonnis. Aangezien het hof hiervoor zelf de relevante feiten heeft vastgesteld zal het deze grief verder onbesproken laten.
Grieven I & III
Met grief I komt Bridge op tegen het oordeel van de rechtbank dat van een schriftelijke overeenkomst geen sprake is omdat uit de feiten niet volgt dat Agencia schriftelijk akkoord is gegaan met het forumkeuzebeding (r.o. 2.17 en 2.18 vonnis).
Met grief III komt Bridge op tegen het oordeel van de rechtbank dat niet is gebleken dat het forumkeuzebeding daadwerkelijk voorwerp is geweest van wilsovereenstemming tussen partijen, omdat van geen van de in artikel 25 lid 1 sub a-c Verordening Brussel l-bis genoemde gevallen sprake is, noch verder is gebleken van wilsovereenstemming (r.o. 2.27 vonnis).
Deze grieven lenen zich voor gezamenlijke bespreking.
Bridge heeft zich in dit verband beroepen op de vermelding van de forumkeuze in de voetteksten onderaan haar orderbevestigingen en facturen (r.o. 3.3) en in haar e-mails (r.o. 3.4) en op een e-mail van Agencia van 12 mei 2023 (productie 10 bij dagvaarding in eerste aanleg). Daarbij heeft Bridge meermaals, zowel in de stukken als bij de mondelinge behandeling gewezen op de volgens haar “prominente” vermelding van het forumkeuzebeding in genoemde e-mails en orderbevestigingen.
Van enige prominentie van die vermelding is naar het oordeel van het hof echter geen enkele sprake; integendeel. Prominent betekent “opvallend” of “op de voorgrond tredend” (Van Dale, Groot woordenboek van de Nederlandse taal). Het forumkeuzebeding is echter zeker niet opvallend of op de voorgrond tredend weergegeven, maar steeds uitsluitend in een ondergeschikte voettekst, die in een kleinere lettergrootte onderaan de pagina van de betreffende e-mail, orderbevestiging of factuur is opgenomen. In de spreekwoordelijke “kleine lettertjes” dus; niet eens in de hoofdtekst van de betreffende communicatie. Wat daarbij verder opvalt is dat de forumkeuze ook in die voettekst op geen enkele manier wordt benadrukt. Dit in tegenstelling tot passages over pallets (vet gedrukt) en over claims (in kapitalen gedrukt) (r.o. 3.3). Waar Bridge bepaalde elementen uit de voettekst dus juist wel extra onder de aandacht van de lezer probeert te brengen, heeft zij dat ten aanzien van de forumkeuze helemaal niet gedaan.
Met haar argumentatie miskent Bridge daarnaast haar eigen bestelproces. Vast staat immers dat afspraken over wat, hoeveel en tegen welke prijs door Agencia gekocht zou worden steeds telefonisch of via Whatsapp werden gemaakt. Dat door Bridge nooit door Agencia te accepteren offertes zijn uitgebracht, is door Bridge ter zitting uitdrukkelijk bevestigd met de verklaring dat Bridge geen offertes verstuurt, maar enkel orderbevestigingen. Een orderbevestiging is naar zijn aard (de naam zegt het al) echter geen aanbod dat door de ander nog aanvaard kan/moet worden, maar een bevestiging van datgene wat tussen partijen daarvoor al is overeengekomen.
Niet gesteld of gebleken is dat zijdens Bridge in de telefonische of in de Whatsapp contacten ooit kenbaar is gemaakt dat zij een forumkeuzebeding overeen wenste te komen. Daarmee staat vast dat in elk geval tot aan het versturen van een e-mail met orderbevestiging geen forumkeuze overeengekomen was.
Wat Bridge stelt is, naar het hof begrijpt, dat de forumkeuze daarna is overeengekomen door de enkele vermelding daarvan onderaan haar e-mails en orderbevestigingen. Daarmee miskent Bridge echter het hiervoor geschetste karakter van die orderbevestigingen. Elke afzonderlijke overeenkomst was immers steeds al gesloten en de onderhandelingsfase was steeds al afgerond, zonder dat mondeling een forumkeuze was besproken, laat staan overeengekomen, voordat Bridge de aldus bereikte overeenstemming, per gemailde orderbevestiging, bevestigde. Dat Bridge vervolgens in die orderbevestiging en de e-mail waarmee die verstuurd wordt, een voorwaarde (namelijk de forumkeuze) toevoegt (nota bene in de kleine lettertjes) is onvoldoende. Enerzijds ia dat immers geen bevestiging wat eerder mondeling overeengekomen was (die voorwaarde was geen onderdeel geweest van de onderhandelingen). Anderzijds is deze forumkeuze daarna ook niet uitdrukkelijk door Agencia geaccepteerd. Dat gebeurt ook niet in of met de e-mail van Agencia van 12 mei 2023. Daarin meldt Agencia immers niet meer dan dat zij, ter uitvoering van wat wel was overeengekomen, de eerste vrachtwagen zal sturen.
Voor zover Bridge bedoelt te betogen dat aan het schriftelijkheidsvereiste is voldaan met de vermelding in de voetteksten en aan het acceptatievereiste met het ontbreken van een daarop volgend (uitdrukkelijk) bezwaar van de zijde van Agencia, slaat zij de plank mis. Het na het bereiken van overeenstemming, uitsluitend in een klein gedrukte voettekst opnemen van een forumkeuze, kan nooit voldoen aan de hiervoor in r.o. 5.4 en 5.5 weergegeven strenge eisen (het duidelijk en nauwkeurig tot uiting komen van de instemming van beide partijen met het maken van een forumkeuze) die aan een dergelijke forumkeuze gesteld moeten worden. Dat is zelfs niet anders als er vanuit wordt gegaan dat Agencia de forumkeuze in de voettekst gezien heeft of had moeten zien. Gelet op het stadium waarin Bridge met deze voorwaarde komt, namelijk nadat de onderhandelingen tussen partijen zijn afgerond en tussen partijen volledige overeenstemming is bereikt, is dan nog steeds noodzakelijk dat Agencia uitdrukkelijk met die nagekomen, aanvullende bepaling instemt. Een enkel niet protesteren is niet voldoende.
Ook de enkele omstandigheid dat hetzelfde proces zich meerdere malen heeft herhaald, maakt het bovenstaande niet anders.
De conclusie uit het voorgaande is dat partijen geen geldige, schriftelijke of mondelinge, schriftelijk bevestigde, forumkeuze hebben gemaakt. Van bevoegdheid van de Nederlandse rechter op grond van artikel 25 lid 1 sub a Brussel I bis-vo is dan ook geen sprake. Nu ook niet is gebleken van enige andere grond voor bevoegdheid van de Nederlandse rechter, heeft de rechtbank zich terecht onbevoegd verklaard en zal het hof het vonnis bekrachtigen.
Grief IV, die gericht is tegen het oordeel dat met de onbevoegd verklaring ook de hoofdzaak tot een einde, komt heeft in het licht van het voorgaande geen zelfstandige betekenis en het hof gaat daaraan voorbij
Proceskosten
Het hof zal Bridge als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van dit hoger beroep veroordelen. Die kosten aan de zijde van Agencia zullen vastgesteld worden op:
-
Griffierechten € 827,00
-
Salaris advocaat € 2.428,00 (2 punten x tarief II)
-
Nakosten € 178,00 (plus de verhoging als vermeld in de beslissing)
Totaal € 3.433,00
6 De uitspraak
Het hof:
bekrachtigt het vonnis waarvan beroep,
veroordeelt Bridge in de proceskosten in het hoger beroep van € 3.433,00. Als Bridge niet aan deze veroordeling voldoet en het arrest daarna wordt betekend, vermeerderd met € 92,00 en met de kosten van betekening;
Dit arrest is gewezen door mrs. J.B. Smits, P.P.M. Rousseau en G.A.M Peper en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 13 januari 2026
griffier rolraadsheer
.