Civiel recht overig
Kort Geding. Echtscheidingsconvenant.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 25 oktober 2016
ECLI:NL:GHSHE:2016:4762 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 25 oktober 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/civiel-recht/civiel-recht-overig/hoger-beroep-kort-geding/ecli-nl-ghshe-2016-4762
Zaakgegevens
Op 25 oktober 2016 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 25 oktober 2016
- Datum publicatie
- 25 oktober 2016
- Zaaknummer
- 200.186.108_01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Hoger beroep kort gedingHoger beroep kort gedingHet gerechtshof beoordeelt opnieuw een spoedzaak waarin de voorzieningenrechter al een voorlopig oordeel gaf.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. C.C.J van Pol te Echt, mr. N.V.N.J de Laurente te Maastricht
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2016:4762
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Kort Geding.
Echtscheidingsconvenant.
Procesgang
Rechtbank Limburg · 31 mei 2016
ECLI:NL:RBLIM:2016:4843Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 12 juli 2016
ECLI:NL:GHSHE:2016:2834Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 25 oktober 2016deze uitspraak
ECLI:NL:GHSHE:2016:4762
Uitspraak · 2016
ECLI:NL:RBLIM:2016:10894Uitspraak · 2016
ECLI:NL:RBLIM:2016:747Uitspraak · 2016
ECLI:NL:RBLIM:2016:919Uitspraak · 2016
ECLI:NL:RBLIM:2016:969Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 10 januari 2017
ECLI:NL:GHSHE:2017:39
Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
zaaknummer 200.186.108/01
arrest van 25 oktober 2016
in de zaak van
[de man] ,
wonende te [woonplaats] (België),
appellant in principaal appel,
geïntimeerde in incidenteel appel,
hierna aan te duiden als de man,
advocaat: mr. C.C.J. van Pol te Echt, gemeente Echt-Susteren,
tegen
[de vrouw] ,
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal appel,
appellante in incidenteel appel,
hierna aan te duiden als de vrouw,
advocaat: mr. N.V.N.J. de Laurente te Maastricht, voorheen S.T.M. Horst,
als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 12 juli 2016 in het hoger beroep van het vonnis van 18 januari 2016, door de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, gewezen tussen de man als eiser in conventie, verweerder in voorwaardelijke reconventie en de vrouw als gedaagde in conventie, eiseres in voorwaardelijke reconventie.
5 Het verdere verloop van de procedure
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
-
de akte uitlating bevoegdheid van de vrouw;
-
de akte uitlating van de man;
-
de antwoordakte van de vrouw;
-
de antwoordakte van de man.
6 De beoordeling
In zijn antwoordakte is de man naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 20 juli 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:4565 nog uitgebreid ingegaan op art. 24 EEX-Verordening (herschikt). Daarop heeft de vrouw nog niet kunnen reageren. De eisen van een goede procesorde brengen dan mee dat zij daartoe alsnog in de gelegenheid wordt gesteld. Het hof zal aldus beslissen.
7 De uitspraak
Het hof:
verwijst de zaak naar de rol van 8 november 2016 voor:
- akte aan de zijde van de vrouw met het hiervóór in rov. 6 vermelde doeleinde;
houdt verder iedere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. G.J. Vossestein, M.J. van Laarhoven en P.P.M. van Reijsen en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 25 oktober 2016.
griffier rolraadsheer