Civiel recht overig
brandverzekering; merkelijke schuld of opzet? ; deskundigenrapporten
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 14 mei 2013
ECLI:NL:GHSHE:2013:2405 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 14 mei 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/civiel-recht/civiel-recht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2013-2405
Zaakgegevens
Op 14 mei 2013 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 14 mei 2013
- Datum publicatie
- 27 juni 2013
- Zaaknummer
- HD 200.082.970-01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. B.M Stroetinga, mr. M.F.J.J.M Tijssen
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2013:2405
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
brandverzekering; merkelijke schuld of opzet? ; deskundigenrapporten
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 25 februari 2013
ECLI:NL:GHSHE:2013:3583Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 19 maart 2013
ECLI:NL:GHSHE:2013:1291Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 14 mei 2013deze uitspraak
ECLI:NL:GHSHE:2013:2405
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 16 juli 2013
ECLI:NL:GHSHE:2013:3063Uitspraak · 2013
ECLI:NL:GHSHE:2013:3585Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 22 juli 2014
ECLI:NL:GHSHE:2014:2202
Uitspraak
GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.082.970
arrest van 14 mei 2013
in de zaak van
ACHMEA SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,
(voorheen N.V. Interpolis Schade)
gevestigd te [vestigingsplaats],
appellante in principaal appel,
geïntimeerde in incidenteel appel,
advocaat: mr. B.M. Stroetinga,
tegen:
[de man],
wonende te [woonplaats],
geïntimeerde in principaal appel,
appellant in incidenteel appel,
advocaat: mr. M.F.J.J.M. Tijssen,
als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 19 maart 2013 in het hoger beroep van het door de rechtbank Breda onder zaak/rolnr. 207999/HA ZA 09-1547 gewezen vonnis van 2 februari 2011.
17 Het tussenarrest van 19 maart 2013
Bij genoemd arrest heeft het hof met inachtneming van artikel 194 lid 4 Rv partijen in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de vervanging van deskundige Mommers (voor beantwoording van de vragen 4 en 5, genoemd in het tussenarrest van 26 februari 2013). Voor het overige is iedere verdere beslissing aangehouden.
Daarbij achtte het hof het gelet op een goede voortgang van de zaak geraden dat partijen hun akte gelijktijdig zouden nemen. In dit verband is aan partijen opgedragen hun akte uiterlijk een week voorafgaande aan de roldatum waarop deze moest worden genomen aan elkaar toe te zenden, zodat op de inhoud van de akte van de wederpartij kon worden gereageerd met een zeer beknopte reactie onder de eigen akte (r.o. 15.4. van het tussenarrest).
18 Het verdere verloop van de procedure
Op de rol van 16 april 2013 hebben beide partijen een akte genomen en daarin ieder een andere deskundige voorgesteld voor beantwoording van genoemde vragen 4 en 5.
Achmea heeft in haar akte tevens gereageerd op het voorstel van [geïntimeerde].
[geïntimeerde] heeft in zijn akte meegedeeld dat hij, in weerwil van bovengenoemde instructie van het hof, de akte van Achmea niet op voorhand heeft ontvangen, zodat hij daar niet op heeft kunnen reageren in zijn eigen akte.
Gelet hierop, zal het hof [geïntimeerde] alsnog in de gelegenheid stellen om op korte termijn beknopt te reageren op de akte van Achmea.
Vervolgens zal het hof overgaan tot benoeming van een nieuwe deskundige voor beantwoording van genoemde vragen 4 en 5.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
19 De uitspraak
Het hof:
verwijst de zaak naar de rol van 28 mei 2013 voor akte van de zijde van [geïntimeerde], uitsluitend met het in rechtsoverweging 18.4. vermelde doel;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. T. Rothuizen-van Dijk, M.B. Beekhoven van den Boezem en P.M. Arnoldus-Smit en bij vervroeging in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 14 mei 2013.
dsheer