Civiel recht overig

Geen schending exclusiviteitsbeding. Geen sprake van een soortgelijk evenement als bedoeld in de door…

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 19 december 2017

Zaakgegevens

Op 19 december 2017 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
19 december 2017
Datum publicatie
19 december 2017
Zaaknummer
200.206.351_01
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. R.M.H.H Tuinstra te Maastricht, mr. J van Zinnicq Bergmann te 's-Hertogenbosch
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2017:5776
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Geen schending exclusiviteitsbeding. Geen sprake van een soortgelijk evenement als bedoeld in de door partijen gesloten samenwerkingsovereenkomst.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2016

    ECLI:NL:RBLIM:2016:8362
  2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 19 december 2017deze uitspraak

    ECLI:NL:GHSHE:2017:5776

    Overig

  3. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 5 juni 2018

    ECLI:NL:GHSHE:2018:2334

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer 200.206.351/01

arrest van 19 december 2017

in de zaak van

[de vennootschap] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

appellante in principaal appel,

geïntimeerde in incidenteel appel,

advocaat: mr. R.M.H.H. Tuinstra te Maastricht,

tegen

1 [VOF] VOF,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,

2. [geïntimeerde 2] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,

3. [geïntimeerde 3] ,
wonende te [woonplaats] ,

4. [geïntimeerde 4] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

geïntimeerden in principaal appel,

appellanten in incidenteel appel,

advocaat: mr. J. van Zinnicq Bergmann te 's-Hertogenbosch,

op het bij exploot van dagvaarding van 5 december 2016 ingeleide hoger beroep van het vonnis van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht van 7 september 2016, gewezen tussen appellante als eiseres in conventie, gedaagde in reconventie en geïntimeerde sub 1, 2 en 3 als gedaagden in conventie, eiseressen in reconventie en geïntimeerde sub 4 als gedaagde in conventie.

1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/205214/HA ZA 15-235)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2 Het geding in hoger beroep

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • de dagvaarding in hoger beroep;

  • de memorie van grieven, tevens wijziging van eis met producties;

  • de memorie van antwoord in principaal appel, antwoord wijziging eis in principaal appel, memorie van grieven in incidenteel appel van geïntimeerden sub 1, 2 en 3;

  • de memorie van antwoord in principaal appel, tevens memorie van grieven in incidenteel appel van geïntimeerde sub 4;

  • de memorie van antwoord in incidenteel appel met producties.

Geïntimeerden hebben pleidooi gevraagd.

3 De beoordeling

Het hof zal het verzoek om een datum voor pleidooi te bepalen honoreren. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

4 De uitspraak

Het hof:

bepaalt dat partijen gelegenheid wordt geboden voor pleidooi;

bepaalt dat daartoe zitting zal worden gehouden op 26 maart 2018 om 11.00 uur in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te ’s-Hertogenbosch;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.A.M. van Schaik-Veltman, O.G.H. Milar en J.I.M.W. Bartelds en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 19 december 2017.

griffier rolraadsheer