Strafrecht overig

De verdachte is overleden. Het hof verklaart het OM niet-ontvankelijk in de strafvervolging.

Zaakgegevens

Op 23 januari 2020 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
23 januari 2020
Datum publicatie
23 januari 2020
Zaaknummer
20-003734-18
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2020:209
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

De verdachte is overleden. Het hof verklaart het OM niet-ontvankelijk in de strafvervolging.

Procesgang

  1. Rechtbank Oost-Brabant · 22 november 2018

    ECLI:NL:RBOBR:2018:5760
  2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 23 januari 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:GHSHE:2020:209

    Niet ontvankelijk

Uitspraak

Inhoudsopgave

Parketnummer : 20-003734-18

Uitspraak : 23 januari 2020

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 22 november 2018 in de strafzaak met parketnummer 01-879177-18 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1939,

laatste GBA-adres [adres] , [postcode] [woonplaats] .

Hoger beroep

Bij vonnis waarvan beroep is verdachte ter zake van brandstichting, smaadschrift en belediging veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren met aftrek van voorarrest. Voorts bevat het vonnis de beslissingen op de vorderingen van de benadeelde partijen.

Namens de verdachte is tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en het openbaar ministerie niet-ontvankelijk zal verklaren in de strafvervolging van de verdachte.

Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie

Volgens artikel 69 van het Wetboek van Strafrecht komt het recht tot strafvordering te vervallen door de dood van de verdachte.

Tijdens de behandeling ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken dat de verdachte, blijkens een Uittreksel uit de basisregistratie personen van de gemeente Vught d.d. 24 december 2018 is overleden op 6 december 2018.

Het hof zal het openbaar ministerie daarom, na vernietiging van het bestreden vonnis, alsnog niet-ontvankelijk verklaren in de strafvervolging.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart het openbaar ministerie ter zake van het ten laste gelegde niet-ontvankelijk in zijn strafvervolging.

Aldus gewezen door:

mr. B.J. Swagerman, voorzitter,

mr. M.J. Grapperhaus en mr. A.C. Bosch, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. R.R.A.C. Dinnissen, griffier,

en op 23 januari 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken.