Strafrecht overig
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep
ECLI:NL:GHSHE:2021:3496 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 18 juni 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2021-3496
Zaakgegevens
Op 18 juni 2021 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 18 juni 2021
- Datum publicatie
- 23 november 2021
- Zaaknummer
- 20-000785-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2021:3496
Samenvatting
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep
Uitspraak
Inhoudsopgave
Parketnummer: 20-000785-20
Uitspraak : 18 juni 2021
TEGENSPRAAK
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, van 13 maart 2020, in de strafzaak onder parketnummer 96-039468-19 tegen:
- [verdachte],
geboren te [geboorteplaats] in het jaar 1997,
wonende te [adres]
Kwalificatie
Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 163, achtste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Gepleegd op 13 april 2018 te Breda.
Toegepaste wetsartikelen
De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) week.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 (zes) maanden.
Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Zeeland-West-Brabant van 11 december 2019, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant van 29 januari 2018, parketnummer 01-181840-17, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 3 weken met een proeftijd van 2 jaren.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. J.T.F.M. van Krieken.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 18 juni 2021.