Strafrecht overig

Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 18 juni 2021

Zaakgegevens

Op 18 juni 2021 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
18 juni 2021
Datum publicatie
23 november 2021
Zaaknummer
20-000149-20
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2021:3517
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 18 juni 2021deze uitspraak

    ECLI:NL:GHSHE:2021:3517

  2. Conclusie A-G · 21 februari 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:206
  3. Hoge Raad · 11 april 2023

    ECLI:NL:HR:2023:536

Uitspraak

Parketnummer: 20-000149-20

Uitspraak : 25 juni 2021

TEGENSPRAAK

Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, locatie

’s-Hertogenbosch van 20 januari 2020, in de strafzaak onder parketnummer 01-140069-19 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1972,

wonende te [adres]

Kwalificatie

Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:

verduistering.

Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:

overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

Het onder 3 bewezenverklaarde levert op:

door het bevoegd gezag naar zijn identiteitsgegevens gevraagd, een valse voornaam en geboortedatum opgeven.

gepleegd
feit 1:
op 10 mei 2019 te Vught;
feit 2:
op 10 mei 2019 te Vught;
feit 3:
op 10 mei 2019 te Vught.

Toegepaste wetsartikelen

De beslissing is gegrond op de artikelen 23, 24, 24c, 57, 62, 63, 321 en 435 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

gepleegd
feit 1:
op 10 mei 2019 te Vught;
feit 2:
op 10 mei 2019 te Vught;
feit 3:
op 10 mei 2019 te Vught.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 01-140069-19 onder 1 en onder 2 bewezenverklaarde:

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) weken.

Ten aanzien van het onder 3 bewezenverklaarde:

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 250,00 (tweehonderdvijftig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 5 (vijf) dagen hechtenis.

Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank ‘s-Gravenhage van 22 januari 2018, parketnummer 96-208356-17, te weten een gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken.

Dit arrest is mondeling gewezen door mr. A.J.A.M. Nieuwenhuizen.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 25 juni 2021.