Strafrecht overig
De rechtbank heeft de voorlopige hechtenis van verdachte geschorst en daartoe overwogen dat het persoonlijk…
ECLI:NL:GHSHE:2023:766 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 23 februari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2023-766
Zaakgegevens
Op 23 februari 2023 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 23 februari 2023
- Datum publicatie
- 7 maart 2023
- Zaaknummer
- 000127-23
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2023:766
Samenvatting
De rechtbank heeft de voorlopige hechtenis van verdachte geschorst en daartoe overwogen dat het persoonlijk belang van de verdachte zwaarder weegt dan het strafvorderlijk belang en dat het belang dat de voorlopige hechtenis dient ook op andere wijze kan worden gerealiseerd. De officier van justitie is van die beslissing in hoger beroep gekomen en heeft daartoe onder meer aangevoerd dat de beslissing van de rechtbank niet naar behoren is gemotiveerd nu er geen inzicht is gegeven in welk persoonlijk belang zwaarder weegt dan het strafvorderlijk belang. Het hof begrijpt de beslissing van de rechtbank waarbij de voorlopige hechtenis is geschorst aldus dat de rechtbank van oordeel is dat het gevaar voor herhaling kan worden ondervangen door het stellen van voorwaarden aan de schorsing van de voorlopige hechtenis waardoor de effectuering van de vrijheidsbeneming niet langer nodig is nu het belang van de samenleving ook gediend kan worden door een voor de verdachte aanmerkelijk minder zware maatregel.
Uitspraak
Inhoudsopgave
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling strafrecht
Raadkamerappelnummer: AVNR. 000127-23
Parketnummer 1e aanleg: [nummer]
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien de akte van de griffier van de rechtbank [plaats] van [datum] , waarbij door de officier van justitie in de zaak tegen:
[verdachte]
[geboortedatum en -plaats]
[adres]
hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank [plaats] van [datum] , bij welke beschikking het verzoek tot schorsing van de aan [verdachte] opgelegde voorlopige hechtenis werd toegewezen.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep.
Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door zijn raadsman
mr. F.J. Koningsveld.
Het hof heeft kennis genomen van het dossier.
Uit het dossier blijkt dat verdachte wordt verweten kort gezegd handel in wapens.
De rechtbank heeft de voorlopige hechtenis van verdachte geschorst en daartoe overwogen dat het persoonlijk belang van de verdachte zwaarder weegt dan het strafvorderlijk belang en dat het belang dat de voorlopige hechtenis dient ook op andere wijze kan worden gerealiseerd.
De officier van justitie is van die beslissing in hoger beroep gekomen en heeft daartoe onder meer aangevoerd dat de beslissing van de rechtbank niet naar behoren is gemotiveerd nu er geen inzicht is gegeven in welk persoonlijk belang zwaarder weegt dan het strafvorderlijk belang.
Het hof overweegt als volgt.
De rechter is bij het opleggen van een bevel tot voorlopige hechtenis zo nodig ambtshalve gehouden na te gaan of niet ook op andere, voor de verdachte minder bezwarende wijze, tegemoet kan worden gekomen aan het belang dat de samenleving heeft bij voortzetting van de voorlopige hechtenis. De rechter zal dus zo nodig ambtshalve moeten na gaan of schorsing van de voorlopige hechtenis tot de mogelijkheden behoort. Die afweging dient ook plaats te vinden wanneer er door of namens de verdachte niet expliciet naar voren is gebracht welke persoonlijke belangen van de verdachte zwaarder dienen te wegen dan de strafvorderlijke belangen. Immers de persoonlijke vrijheid van verdachte is evident aan de orde bij een bevel voorlopige hechtenis en hoeft door of namens de verdachte niet expliciet worden aangevoerd.
In de onderhavige zaak wordt het strafvorderlijk belang gevormd door het gevaar voor herhaling.
Het hof begrijpt de beslissing van de rechtbank waarbij de voorlopige hechtenis is geschorst aldus dat de rechtbank van oordeel is dat het gevaar voor herhaling kan worden ondervangen door het stellen van voorwaarden aan de schorsing van de voorlopige hechtenis waardoor de effectuering van de vrijheidsbeneming niet langer nodig is nu het belang van de samenleving ook gediend kan worden door een voor de verdachte aanmerkelijk minder zware maatregel.
Aldus gelezen is naar het oordeel van het hof de beslissing van de rechtbank niet onbegrijpelijk en derhalve zal het hof het hoger beroep afwijzen.
Het hof wijst af het beroep.
BESCHIKKENDE IN HOGER BEROEP:
Wijst af het hoger beroep.
Bevestigt de beschikking waarvan beroep.
Aldus gedaan op 23 februari 2023
door mr. S. Riemens, voorzitter, mr. J.P.F. Rijken en mr. E.E. van der Bijl, raadsheren,
in tegenwoordigheid van S.J.H. van Beekveld, griffier.
De advocaat-generaal bij dit Gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van verdachte.
's-Hertogenbosch, 23 februari 2023
Gezien d.d.
De directeur van