Strafrecht overig
De eigen bijdrage is op grond van artikel 44, tweede lid, van de Wet op de rechtsbijstand niet verschuldigd…
ECLI:NL:GHSHE:2022:2777 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 21 juli 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/strafrecht/strafrecht-overig/raadkamer/ecli-nl-ghshe-2022-2777
Zaakgegevens
Op 21 juli 2022 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 21 juli 2022
- Datum publicatie
- 11 augustus 2022
- Zaaknummer
- 000029-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- RaadkamerRaadkamerEen zitting die niet openbaar is, bijvoorbeeld over voorlopige hechtenis of een klacht over niet-vervolging.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2022:2777
Samenvatting
De eigen bijdrage is op grond van artikel 44, tweede lid, van de Wet op de rechtsbijstand niet verschuldigd indien een zaak eindigt zonder oplegging van straf of maatregel, dan wel zonder toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht. De rechtsbijstandsverlener restitueert de eigen bijdrage aan de verzoeker. De gemaakte kosten komen derhalve niet voor vergoeding in aanmerking op grond van artikel 530 van het Wetboek van Strafrecht.
Daarnaast wordt het verzoek om een forfaitaire vergoeding voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift afgewezen, omdat het overige verzoek wordt afgewezen en omdat de kosten nodeloos zijn gemaakt.
Uitspraak
Inhoudsopgave
Raadkamer
Bijzondere zaak, nummer: 000029-22
Parketnummer: [parketnummer]
Beschikking op verzoek schadevergoeding ex artikel 530 van het Wetboek van Strafvordering
Beslissing van de voorzitter van de raadkamer van het gerechtshof op het op 4 januari 2022 ter griffie van dit hof ingekomen verzoek van:
[verzoekster]
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,
wonende te [postcode] [woonplaats] , [adres] ,
te dezer zake woonplaats kiezende ten kantore van:
[raadsman] , [vestigingsadres] .
Het verzoek strekt tot toekenning van een vergoeding uit 's Rijks kas ter zake van:
-
de kosten voor de eigen bijdrage ter zake van de op toevoeging verleende rechtsbijstand;
-
de kosten voor het opstellen en indienen van het onderhavige verzoekschrift.
Het onderzoek van de zaak
Het verzoekschrift is op 9 juni 2022 door de raadkamer van dit hof in het openbaar behandeld.
Het hof heeft kennisgenomen van de schriftelijke conclusie van de advocaat-generaal van 27 januari 2022.
Verzoekster is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. De raadsman van verzoekster is evenmin ter zitting verschenen.
De schriftelijke conclusie van de advocaat-generaal strekt tot afwijzing van het verzoek. In raadkamer heeft de advocaat-generaal voornoemd standpunt gehandhaafd.
De beoordeling
Het verzoek is tijdig ingediend.
Uit de gedingstukken, waaronder begrepen de stukken van de strafzaak, blijkt dat de strafzaak tegen verzoekster onder bovengenoemd parketnummer het laatst voor dit hof werd
vervolgd en is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht.
Aan de voorwaarden waaronder op de voet van artikel 530 van het Wetboek van Strafvordering aan verzoekster, als gewezen verdachte, een schadevergoeding kan worden toegekend, is derhalve voldaan.
Kosten rechtsbijstand
Uit de aard van de strafzaak vloeit de wenselijkheid voor de gewezen verdachte voort om zich van rechtsbijstand te voorzien.
Toekenning van een vergoeding heeft plaats indien en voor zover daartoe, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.
Verzoekster verzoekt een schadevergoeding van € 145,00 en € 148,00 voor de eigen bijdrage ter zake van de op toevoeging verleende rechtsbijstand.
Het hof is, met de advocaat-generaal, van oordeel dat ingevolge artikel 44, tweede lid, van de Wet op de rechtsbijstand, de eigen bijdrage echter niet verschuldigd is, indien een zaak eindigt zonder oplegging van straf of maatregel, dan wel zonder toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht. De rechtsbijstandverlener restitueert de eigen bijdrage dan aan de rechtzoekende, tenzij deze de eigen bijdrage nog niet heeft voldaan.
Derhalve heeft verzoekster geen schade geleden ter zake deze kosten en wordt dit verzoek afgewezen.
Kosten opstellen en indienen verzoekschrift
Voor het opstellen en indienen van het onderhavige verzoekschrift kent het hof, overeenkomstig de conclusie van de advocaat-generaal, geen vergoeding toe, nu de in het verzoek gevorderde schade wordt afgewezen.
Daarnaast heeft verzoekster, bijgestaan door een raadsman, het verzoek nodeloos ingediend. Van een professioneel rechtsbijstandsverlener mag worden verwacht dat voor het indienen van een verzoekschrift minimaal summier wordt beoordeeld of het verzoekschrift enige kans van slagen heeft. Derhalve acht het hof evenmin gronden van billijkheid aanwezig voor vergoeding op grond van artikel 530 van het Wetboek van Strafvordering van de kosten die met het verzoekschrift samenhangen.
BESLISSING
Het hof:
Wijst het verzoek af.
Aldus beslist door mr. O.A.J.M. Lavrijssen, voorzitter,
in tegenwoordigheid van mw. M.J.M. van de Pol, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van dit gerechtshof van 21 juli 2022.