Belastingrecht
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie afgedaan m.t.v. artikel 81 lid 1 RO.
Hoge Raad, 12 juli 2013
ECLI:NL:HR:2013:191 · Hoge Raad · 12 juli 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2013-191
Zaakgegevens
Op 12 juli 2013 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 12 juli 2013
- Datum publicatie
- 24 juli 2013
- Zaaknummer
- 12/05119
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Belastingrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2013:191
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie afgedaan m.t.v. artikel 81 lid 1 RO.
Uitspraak
12 juli 2013
nr. 12/05119
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer te Hoofddorp (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 20 september 2012, nr. 11/00557, betreffende een door [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) gedaan verzoek om een veroordeling in de proceskosten.
1 Het geding in feitelijke instanties
Bij de intrekking van het beroep tegen een uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van de gemeente Haarlemmermeer (hierna: de heffingsambtenaar) met betrekking tot een ten aanzien van belanghebbende genomen beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken, heeft belanghebbende de Rechtbank verzocht de heffingsambtenaar te veroordelen in de kosten van het geding voor de Rechtbank.
De Rechtbank te Haarlem (nr. AWB 11/274) heeft de heffingsambtenaar veroordeeld in die kosten.
De heffingsambtenaar heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof.
Het Hof heeft de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
2 Geding in cassatie
Het College heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij twee middelen voorgesteld.
Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.
Het College heeft een conclusie van repliek ingediend.
3 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Proceskosten
Het College zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
5 Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie ongegrond, en
veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer in de kosten van het geding in cassatie aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op € 944 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 12 juli 2013.
Van de gemeente Haarlemmermeer wordt ter zake van het door het College ingestelde beroep in cassatie een griffierecht geheven van € 466.