Belastingrecht
Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad, 28 januari 1998
ECLI:NL:HR:1998:AA2386 · Hoge Raad · 28 januari 1998
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/cassatie/ecli-nl-hr-1998-aa2386
Zaakgegevens
Op 28 januari 1998 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 28 januari 1998
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 33014
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Belastingrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:1998:AA2386
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Uitspraak
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 19 december 1996 betreffende de aan hem voor het jaar 1991 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof Aan belanghebbende is voor het jaar 1991 een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opge legd naar een belastbaar inkomen van f 542.475,--, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd. Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep geko men bij het Hof, dat deze uitspraak heeft bevestigd.
2. Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een middel van cassatie voorgesteld. De Staatssecretaris van Financiën heeft bij vertoog schrift het cassatieberoep bestreden.
3. Beoordeling van het middel CONVGEGEVENS Het middel kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een ver oordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
5. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is op 28 januari 1998 vastgesteld door de raadsheer Bellaart als voorzitter, en de raadsheren Van der Putt-Lauwers, Van Brunschot, Meij en Van Vliet, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Van Hooff, en op die datum in het openbaar uitgesproken.