Belastingrecht
Belanghebbende, die alle proceshandelingen zelf heeft verricht, heeft geen recht heeft op vergoeding van…
ECLI:NL:HR:2007:BA1830 · Hoge Raad · 30 maart 2007
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2007-ba1830
Zaakgegevens
Op 30 maart 2007 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 30 maart 2007
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 42794
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Belastingrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2007:BA1830
Samenvatting
Belanghebbende, die alle proceshandelingen zelf heeft verricht, heeft geen recht heeft op vergoeding van kosten uit hoofde van beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 21 oktober 2005
ECLI:NL:GHAMS:2005:AU4930Hoge Raad · 30 maart 2007deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2007:BA1830
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
Nr. 42.794
30 maart 2007
whk
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 6 december 2005, nr. P04/04399, betreffende na te melden aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de daarbij gegeven boetebeschikking.
1. Aanslag, beschikking, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is voor het jaar 2001 een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd alsmede een boete van € 340 wegens niet-tijdige aangifte. Na daartegen gemaakt bezwaar is bij in één geschrift vervatte uitspraken van de Inspecteur de aanslag verminderd tot één naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 39.333 en is de boete gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft het beroep gegrond verklaard, de bestreden uitspraak vernietigd, de verzuimboete verminderd tot € 113 en de aanslag verminderd tot één naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 28.378. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
3. Beoordeling van de klachten
3.1. Nu het Hof - in cassatie niet bestreden - heeft overwogen dat belanghebbende alle proceshandelingen zelf heeft verricht en daaruit volgt dat hem te dier zake geen rechtsbijstand is verleend, heeft het Hof, wat er zij van 's Hofs overweging dat belanghebbende vanaf 1 april 2001 geen professionele rechtshulpverlener meer is, terecht geoordeeld dat belanghebbende geen recht heeft op vergoeding van kosten uit hoofde van beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De daarop betrekking hebbende klacht faalt mitsdien.
3.2. Voor de klacht dat belanghebbende geen gelegenheid is gegeven ter zitting van het Hof bepaalde stukken toe te lichten, is geen steun te vinden in de uitspraak van het Hof of het proces-verbaal van de zitting. Die klacht faalt derhalve wegens gebrek aan feitelijke grondslag.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer A.E.M. van der Putt-Lauwers als voorzitter, en de raadsheren P. Lourens en C.B. Bavinck, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 30 maart 2007.