Belastingrecht

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard, zie ook het arrest 09/01703

Zaakgegevens

Op 9 april 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 april 2010
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
09/01702
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2010:BK6066
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard, zie ook het arrest 09/01703

Procesgang

  1. Hoge Raad · 9 april 2010deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2010:BK6066

  2. Conclusie A-G · 9 april 2010

    ECLI:NL:PHR:2010:BK6066

Uitspraak

Nr. 09/01702

9 april 2010

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van X B.V. te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 31 maart 2009, nr. 08/00043, betreffende een beschikking als bedoeld in artikel 21a, lid 1, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

1. Het geding in feitelijke instanties

De Inspecteur heeft, gelijktijdig met het vaststellen van de aan belanghebbende opgelegde aanslag in de vennootschapsbelasting voor het jaar 2003, het bedrag van het met de winst van dat jaar verrekende verlies bij beschikking vastgesteld. De beschikking is, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur gehandhaafd.

De Rechtbank te Arnhem (nr. AWB 06/2647) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof.

Het Hof heeft de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.

2. Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij twee middelen voorgesteld.

De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

De Advocaat-Generaal P.J. Wattel heeft op 19 november 2009 geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep in cassatie.

3. Beoordeling van de middelen

De middelen falen op de gronden die zijn vermeld in het heden in de zaak met nummer 09/01703 tussen dezelfde partijen uitgesproken arrest van de Hoge Raad.

4. Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

5. Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer P. Lourens als voorzitter, en de raadsheren C.B. Bavinck, J.A.C.A. Overgaauw, P.M.F. van Loon en M.A. Fierstra, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 9 april 2010.