Belastingrecht
Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
ECLI:NL:HR:2011:BU5670 · Hoge Raad · 25 november 2011
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2011-bu5670
Zaakgegevens
Op 25 november 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 november 2011
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/03625
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Belastingrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2011:BU5670
Samenvatting
KB-Lux. Herstelarrest.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 1 juli 2010
ECLI:NL:GHAMS:2010:BN0321Hoge Raad · 12 augustus 2011
ECLI:NL:HR:2011:BR4874(Gedeeltelijke) vernietiging met verwijzenVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Hoge Raad · 25 november 2011deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2011:BU5670
(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaanVernietigingDe hogere rechter zet de eerdere uitspraak (deels) opzij en beslist zelf, of laat een andere rechter de zaak opnieuw doen.Meer uitleg
Uitspraak
Nr. 10/03625
25 november 2011
Arrest
gewezen ter verbetering van het arrest van de Hoge Raad, gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 1 juli 2010, nr. P10/00266.
1. Het arrest in het geding
1.1. De Hoge Raad heeft in deze zaak op 12 augustus 2011, met nummer 10/03625, een arrest uitgesproken. De Hoge Raad heeft nadien ambtshalve bevonden dat het dictum van dat arrest een fout bevat die zich voor eenvoudig herstel leent.
1.2. Uit de rechtsoverwegingen in het arrest volgt dat de uitspraak van het Hof alleen vernietigd dient te worden voor zover die uitspraak de verhogingen en de boeten betreft. Dit is abusievelijk niet juist in het dictum van het arrest tot uitdrukking gebracht.
1.3. Herstel van deze fout brengt mee dat in het dictum de passage "vernietigt de uitspraak van het Hof behoudens de beslissing omtrent de proceskosten," wordt vervangen door:
"vernietigt de uitspraak van het Hof uitsluitend wat betreft de verhogingen voor de jaren 1992 tot en met 1998 en de opgelegde boeten voor de jaren 1999 en 2000,".
1.4. Bij brief aan partijen van 29 september 2011 heeft de Hoge Raad melding gemaakt van de fout en partijen in de gelegenheid gesteld zich over het herstel daarvan uit te laten. Belanghebbende heeft van die gelegenheid gebruik gemaakt.
1.5. Aangezien de fout gelet op het hiervoor in 1.2 overwogene redelijkerwijs kenbaar voor partijen was, zal de Hoge Raad de onder 1.3 vermelde verbetering doorvoeren.
2. Beslissing
De Hoge Raad verbetert bovenvermelde fout in het op 12 augustus 2011 in deze zaak uitgesproken arrest en stelt de verbetering op de minuut van dit arrest.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.W. van den Berge als voorzitter, en de raadsheren J.W.M. Tijnagel en A.H.T. Heisterkamp, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op
25 november 2011.