Belastingrecht

CONCLUSIE PG Onderwerp van deze conclusie is de fiscale eenheid als bedoeld in artikel 7, lid 4, van de Wet…

Zaakgegevens

Op 29 november 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
29 november 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
CPG 11/05105
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BY7670
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

CONCLUSIE PG

Onderwerp van deze conclusie is de fiscale eenheid als bedoeld in artikel 7, lid 4, van de Wet op de omzetbelasting 1968 (verder: de Wet). Belanghebbende is één van de drie 100%-dochters van een houdstervennootschap. Deze houdstervennootschap vormt met haar beide andere dochters een fiscale eenheid (hierna: Fiscale Eenheid). Belanghebbende is niet gevoegd, haars inziens ten onrechte. De procedure spitst zich toe op de vraag of belanghebbende in economisch opzicht voldoende nauw verbonden is met de Fiscale Eenheid om ook daarvan deel uit te maken. Tussen partijen is in confesso dat aan de overige (materiële) voorwaarden voor de vaststelling van een fiscale eenheid - de verbondenheid in financieel en organisatorisch opzicht - is voldaan.

Voor vervolg zie conclusie

Procesgang

  1. Hoge Raad · 29 november 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BY7670

  2. Conclusie A-G · 29 november 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BY7670
  3. Hoge Raad · 11 oktober 2013

    ECLI:NL:HR:2013:837

    Conclusie contrair

Uitspraak

Derde kamer - uitspraak volgt