Belastingrecht

De HR verklaart het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO n-o.

Zaakgegevens

Op 12 juli 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12 juli 2013
Datum publicatie
24 juli 2013
Zaaknummer
13/00855
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:185
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

De HR verklaart het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO n-o.

Uitspraak

Inhoudsopgave

12 juli 2013

nr. 13/00855

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van V.O.F. [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem - Leeuwarden van 15 januari 2013, nr. 12/00100, betreffende een aan belanghebbende over de periode 1 januari 2005 tot en met 31 december 2009 opgelegde naheffingsaanslag in de omzetbelasting en de daarbij in rekening gebrachte heffingsrente.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.

2 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren C.B. Bavinck en C.H.W.M. Sterk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 12 juli 2013.