Belastingrecht

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard.

Hoge Raad, 9 augustus 2013

Zaakgegevens

Op 9 augustus 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 augustus 2013
Datum publicatie
8 augustus 2013
Zaaknummer
13/01036
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:464
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

Hoge Raad der Nederlanden

Derde Kamer

Nr. 13/01036

9 augustus 2013

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 22 januari 2013, nr. 12/00227, betreffende de aan belanghebbende over het jaar 2004 opgelegde navorderingsaanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.

2 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren R.J. Koopman en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 9 augustus 2013.