Belastingrecht

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Zaakgegevens

Op 6 juni 2014 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
6 juni 2014
Datum publicatie
5 juni 2014
Zaaknummer
14/01105
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:1328
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Uitspraak

Inhoudsopgave

6 juni 2014

Nr. 14/01105

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 16 januari 2014, nr. SGR 13/7673, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank betreffende het uitblijven van een beslissing van het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg op een door belanghebbende gedaan verzoek.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad enkel kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de administratieve rechter voor zover dit bij wet is bepaald. Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen een uitspraak van de Rechtbank als de onderhavige. Het beroep in cassatie dient derhalve niet-ontvankelijk te worden verklaard.

2 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 6 juni 2014.