Belastingrecht
HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.
ECLI:NL:HR:2014:320 · Hoge Raad · 14 februari 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2014-320
Zaakgegevens
Op 14 februari 2014 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 14 februari 2014
- Datum publicatie
- 13 februari 2014
- Zaaknummer
- 13/04783
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Belastingrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2014:320
Samenvatting
HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.
Procesgang
Centrale Raad van Beroep · 27 augustus 2013
ECLI:NL:CRVB:2013:1532Hoge Raad · 14 februari 2014deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2014:320
Niet ontvankelijkNiet-ontvankelijkDe rechter behandelt de zaak niet inhoudelijk, omdat niet aan een formele eis is voldaan, bijvoorbeeld omdat iemand te laat is.Meer uitleg
Uitspraak
Inhoudsopgave
14 februari 2014
Nr. 13/04783
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X1] en [X2] te [Z] (hierna: belanghebbenden) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 27 augustus 2013, nrs. 12/386 WWB en 12/387 WWB, op de hoger beroepen van belanghebbenden tegen de uitspraken van de Rechtbank te Utrecht (nrs. 10/3246 en 10/3251) betreffende besluiten van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal op grond van de Wet werk en bijstand.
1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
De Hoge Raad is van oordeel dat de voorgestelde middelen geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de middelen klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.
2 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 14 februari 2014.