Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Zaakgegevens

Op 7 maart 2014 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
7 maart 2014
Datum publicatie
6 maart 2014
Zaaknummer
13/02611
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:515
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2013

    ECLI:NL:GHSHE:2013:1847
  2. Hoge Raad · 7 maart 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2014:515

Uitspraak

Inhoudsopgave

7 maart 2014

Nr. 13/02611

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 8 mei 2013, nr. 12/00749, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Maastricht (nr. AWB 12/841) betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2009 opgelegde aanslagen rioolheffing en afvalstoffenheffing.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

2 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 7 maart 2014.