Belastingrecht
Art. XA Wet van 17 december 2009, Stb. 2009, 564. Overgangsrecht APV-regime. Verzoek tot vermindering van…
Hoge Raad, 10 april 2015
ECLI:NL:HR:2015:848 · Hoge Raad · 10 april 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2015-848
Zaakgegevens
Op 10 april 2015 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 april 2015
- Datum publicatie
- 7 april 2015
- Zaaknummer
- 13/05004
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Belastingrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2015:848
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. XA Wet van 17 december 2009, Stb. 2009, 564. Overgangsrecht APV-regime. Verzoek tot vermindering van geheven recht van schenking komt alleen toe aan degene ten name van wie dat recht is geheven.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 12 september 2013
ECLI:NL:GHAMS:2013:2883Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 30 september 2014
ECLI:NL:PHR:2014:1861Hoge Raad · 10 april 2015deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2015:848
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
10 april 2015
nr. 13/05004
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X2] te [Z] (Verenigde Staten van Amerika) en [X3] te [Z], Verenigde Staten van Amerika (hierna: belanghebbenden) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 12 september 2013, nrs. 12/00118 tot en met 12/00121, op het hoger beroep van belanghebbenden tegen een uitspraak van de Rechtbank te Haarlem (nrs. AWB 11/5910, 11/5911, 11/5913 en 11/5914) betreffende verzoeken tot vermindering van geheven recht van schenking. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
1 Geding in cassatie
Belanghebbenden hebben tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Minister van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbenden hebben een conclusie van repliek ingediend.
De Advocaat-Generaal R.L.H. IJzerman heeft op 30 september 2014 geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep in cassatie.
Belanghebbenden hebben schriftelijk op de conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
Het middel faalt op de gronden vermeld in de onderdelen 4.2 tot en met 4.6 van de conclusie van de Advocaat-Generaal.
3 Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren C. Schaap, M.A. Fierstra, Th. Groeneveld en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 10 april 2015.