Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Hoge Raad, 17 juni 2016

Zaakgegevens

Op 17 juni 2016 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
17 juni 2016
Datum publicatie
16 juni 2016
Zaaknummer
16/00975
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:1225
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Procesgang

  1. Centrale Raad van Beroep · 8 januari 2016

    ECLI:NL:CRVB:2016:89
  2. Hoge Raad · 17 juni 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:1225

Uitspraak

17 juni 2016

Nr. 16/00975

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 8 januari 2016, nr. 13/2444 AOW, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Limburg (nr. 11/595) betreffende een besluit van de Sociale verzekeringsbank ingevolge de Algemene ouderdomswet.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de voorgestelde middelen geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de middelen klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

2 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en M.E. van Hilten, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 17 juni 2016.