Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie n-o.

Hoge Raad, 1 december 2017

Zaakgegevens

Op 1 december 2017 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
1 december 2017
Datum publicatie
30 november 2017
Zaaknummer
17/04462
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2017:3040
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie n-o.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2016

    ECLI:NL:RBGEL:2016:2182
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 8 augustus 2017

    ECLI:NL:GHARL:2017:6779

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Hoge Raad · 1 december 2017deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2017:3040

Uitspraak

1 december 2017

Nr. 17/04462

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 augustus 2017, nr. 16/00625, betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2011 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief van 21 september 2017, die volgens de Track&Trace gegevens van PostNL is afgeleverd op het door belanghebbende opgegeven adres, (onder meer) verzocht het in afschrift bijgevoegde beroepschrift in cassatie van een handtekening te voorzien en het vervolgens binnen zes weken na dagtekening van deze brief bij hem in te dienen. Belanghebbende is evenwel in gebreke gebleven aan dat verzoek te voldoen.

Nu niet is voldaan aan het vereiste zoals vermeld in artikel 6:5, eerste lid van de Awb, zal de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

2 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 1 december 2017.