Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Zie ook 15/02273.

Hoge Raad, 27 januari 2017

Zaakgegevens

Op 27 januari 2017 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
27 januari 2017
Datum publicatie
26 januari 2017
Zaaknummer
15/05220
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2017:84
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Zie ook 15/02273.

Procesgang

  1. Rechtbank Gelderland · 16 december 2014

    ECLI:NL:RBGEL:2014:7773
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 29 september 2015

    ECLI:NL:GHARL:2015:7349

    (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan

  3. Hoge Raad · 27 januari 2017deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2017:84

Uitspraak

27 januari 2017

Nr. 15/05220

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 september 2015, nr. 15/00071, op het hoger beroep van de Inspecteur tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland (nr. AWB 14/3266) betreffende een aan [X] B.V. te [Z] (hierna: belanghebbende) opgelegde naheffingsaanslag in de belasting van personenauto's en motorrijwielen.

1 Geding in cassatie

De Staatssecretaris heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij één middel voorgesteld.

Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.

2 Beoordeling van het middel

Het middel faalt op de gronden die zijn vermeld in het heden in de zaak met nummer 15/02273 uitgesproken arrest van de Hoge Raad, waarvan een geanonimiseerd afschrift aan dit arrest is gehecht.

3 Proceskosten

De Staatssecretaris zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verklaart het beroep in cassatie ongegrond, en

veroordeelt de Staatssecretaris van Financiën in de kosten van het geding in cassatie aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op € 1485 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren E.N. Punt, P.M.F. van Loon, L.F. van Kalmthout en M.E. van Hilten, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 27 januari 2017.

Van de Staatssecretaris van Financiën wordt een griffierecht geheven van € 497.