Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Zie 18/04658.

Hoge Raad, 24 mei 2019

Zaakgegevens

Op 24 mei 2019 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 mei 2019
Datum publicatie
23 mei 2019
Zaaknummer
18/04659
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2019:826
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Zie 18/04658.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2017

    ECLI:NL:RBDHA:2017:15575
  2. Gerechtshof Den Haag · 25 september 2018

    ECLI:NL:GHDHA:2018:2619

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Hoge Raad · 24 mei 2019deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2019:826

Uitspraak

24 mei 2019

Nr. 18/04659

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 25 september 2018, nrs. BK-18/00353 en BK-18/00354, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag (nrs. SGR 17/5011 en SGR 17/5015) betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2012 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, de daarbij gegeven boetebeschikking en de voor dat jaar opgelegde aanslag in de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet.

1 Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld en daarbij twee middelen voorgesteld.

De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen falen op de gronden die zijn vermeld in het arrest dat de Hoge Raad vandaag tussen dezelfde partijen heeft uitgesproken in de zaak met nummer 18/04658.

3 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en E.F. Faase, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 24 mei 2019.