Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing artikel 80a RO.

Zaakgegevens

Op 1 mei 2020 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
1 mei 2020
Datum publicatie
28 april 2020
Zaaknummer
19/02881
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:813
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing artikel 80a RO.

Procesgang

  1. Rechtbank Noord-Nederland · 5 juni 2018

    ECLI:NL:RBNNE:2018:2533
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 7 mei 2019

    ECLI:NL:GHARL:2019:3909

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Hoge Raad · 1 mei 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:813

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 19/02881

Datum 1 mei 2020

ARREST

in de zaak van

[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)

tegen

het COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE DE FRYSKE MARREN

op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 7 mei 2019, nrs. 18/00626 tot en met 18/00629, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland (nrs. LEE 16/4815 tot en met 16/4818) betreffende de ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikkingen op grond van de Wet waardering onroerende zaken en de aanslagen in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente De Fryske Marren voor het jaar 2016 betreffende de onroerende zaken [a-straat 1] en [a-straat 2] te [Q] , alsmede de aanslag in de rioolheffing en in de forensenbelasting voor het jaar 2016 betreffende de laatstgenoemde onroerende zaak.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.

De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 1 mei 2020.