Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Zaakgegevens

Op 2 december 2022 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
2 december 2022
Datum publicatie
1 december 2022
Zaaknummer
22/00718
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:1805
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2021

    ECLI:NL:RBDHA:2021:5117
  2. Gerechtshof Den Haag · 20 januari 2022

    ECLI:NL:GHDHA:2022:33

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Hoge Raad · 2 december 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:1805

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 22/00718

Datum 2 december 2022

ARREST

in de zaak van

[X] B.V. te [Z] (hierna: belanghebbende),

vertegenwoordigd door H.G. Elbert,

tegen

de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN,

vertegenwoordigd door [P] ,

op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 19 januari 2022, nrs. BK-21/00375 en BK-21/00376, op het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van Rechtbank Den Haag (nrs. SGR 20/3836 en SGR 20/3839) betreffende aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslagen in de loonheffingen over de tijdvakken 1 januari 2017 tot en met 31 december 2017 en 1 januari 2018 tot en met 31 december 2018, de daarbij gegeven boetebeschikkingen en de daarbij gegeven beschikkingen inzake belastingrente.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.

De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en M.T. Boerlage, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 2 december 2022.

ECLI:NL:GHDHA:2022:33.