Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Zie ook 22/04590, ECLI:NL:HR:2024:238 .

Hoge Raad, 8 maart 2024

Zaakgegevens

Op 8 maart 2024 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
8 maart 2024
Datum publicatie
7 maart 2024
Zaaknummer
22/04591
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:325
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Zie ook 22/04590, ECLI:NL:HR:2024:238 .

Procesgang

  1. Rechtbank Overijssel · 12 maart 2021

    ECLI:NL:RBOVE:2021:1319
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 25 oktober 2022

    ECLI:NL:GHARL:2022:9076

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 25 oktober 2022

    ECLI:NL:GHARL:2022:9078
  4. Conclusie A-G · 22 september 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:831
  5. Conclusie A-G · 22 september 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:832
  6. Conclusie A-G · 22 september 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:873
  7. Hoge Raad · 8 maart 2024

    ECLI:NL:HR:2024:238
  8. Hoge Raad · 8 maart 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2024:325

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 22/04591

Datum 8 maart 2024

ARREST

in de zaak van


[X] (hierna: belanghebbende)

tegen

het DAGELIJKS BESTUUR VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING GEMEENTELIJK BELASTINGKANTOOR TWENTE

op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 oktober 2022, nr. BK-ARN 21/00559, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Overijssel (nr. AWB 20/2151) betreffende een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken voor het jaar 2020.

1 Geding in cassatie

Belanghebbende, vertegenwoordigd door G. Gieben, heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Gemeentelijk Belastingkantoor Twente, vertegenwoordigd door [P], heeft een verweerschrift ingediend.

De Advocaat-Generaal M.R.T. Pauwels heeft op 22 september 2023 geconcludeerd tot gegrondverklaring van het beroep in cassatie.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot vernietiging van de bestreden uitspraak leiden op de gronden die zijn vermeld in de rechtsoverwegingen 4.1.2 tot en met 4.1.5 van het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak met nummer 22/04590, ECLI:NL:HR:2024:238.

3 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren M.W.C. Feteris, J. Wortel, M.T. Boerlage en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 8 maart 2024.

ECLI:NL:GHARL:2022:9076. ECLI:NL:PHR:2023:832.