Omgevingsrecht
Hoge Raad · Cassatie · Omgevingsrecht
Hoge Raad, 5 oktober 2001
ECLI:NL:HR:2001:AD5158 · Hoge Raad · 5 oktober 2001
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/omgevingsrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2001-ad5158
Zaakgegevens
Op 5 oktober 2001 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over omgevingsrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 5 oktober 2001
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 1319
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Omgevingsrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.S Kamminga, mr. H.A. Groen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2001:AD5158
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 5 oktober 2001deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2001:AD5158
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 5 oktober 2001
ECLI:NL:PHR:2001:AD5158
Uitspraak
Nr. 1319
5 oktober 2001
FA
in de zaak van
[Eiser], wonende te [woonplaats],
eiser tot cassatie,
advocaat: mr. P.S. Kamminga,
tegen
de Gemeente Leidschendam, zetelende te Leidschendam,
verweerster in cassatie,
advocaat: mr. H.A. Groen.
1. Geding in feitelijke instantie
1.1. De Gemeente Leidschendam heeft bij exploit van 2 augustus 2000 [eiser] doen dagvaarden voor de Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage en ten behoeve van de uitvoering van het bestemmingsplan "Leidschenveen" en het uitwerkingsplan "Leidschenveen - De Velden A" gevorderd de vervroegd uit te spreken onteigening ten behoeve van de Gemeente van een gedeelte groot 0.07.54 ha van het perceel kadastraal bekend gemeente Stompwijk, sectie [...], nummer [...], ter grootte van 0.33.70 ha, waarvan [eiser] is aangewezen als eigenaar, en bepaling van het voorschot op het bedrag van de schadeloosstelling.
1.2. Bij vonnis van 6 december 2000 heeft de Rechtbank de gevorderde onteigening uitgesproken en het voorschot op de schadeloosstelling bepaald op f 74.700, en drie deskundigen en een rechter-commissaris benoemd. Het vonnis is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
2.1. [Eiser] heeft het vonnis van 6 december 2000 met een middel van cassatie bestreden. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2.2. De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2.3. Partijen hebben hun standpunten schriftelijk doen toelichten door hun advocaten.
2.4. [Eiser] heeft gerepliceerd. De Gemeente heeft gedupliceerd.
2.5. De Advocaat-Generaal J.W. Ilsink heeft op 30 mei 2001 geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op f 632,20 aan verschotten en op f 3.000,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E. Korthals Altes als voorzitter, en de raadsheren D.H. Beukenhorst en P.J. van Amersfoort en door de raadsheer A. Hammerstein uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 oktober 2001.