Omgevingsrecht
Hoge Raad · Cassatie · Omgevingsrecht
Hoge Raad, 5 oktober 2001
ECLI:NL:HR:2001:ZD3023 · Hoge Raad · 5 oktober 2001
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/omgevingsrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2001-zd3023
Zaakgegevens
Op 5 oktober 2001 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over omgevingsrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 5 oktober 2001
- Datum publicatie
- 8 april 2013
- Zaaknummer
- 1316
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Omgevingsrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.P van den Berg, mr. J.G de Vries Robbé
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2001:ZD3023
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 5 oktober 2001deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2001:ZD3023
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 5 oktober 2001
ECLI:NL:PHR:2001:ZD3023
Uitspraak
Nr. 1316
5 oktober 2001
FA
in de zaak van
[Eiser], wonende te [woonplaats],
eiser tot cassatie,
advocaat: mr. J.P. van den Berg,
tegen
de Gemeente Rotterdam, zetelende te Rotterdam,
verweerster in cassatie,
advocaat: mr. J.G. de Vries Robbé,
1. Geding in feitelijke instantie
1.1. De Gemeente Rotterdam heeft bij exploit van 12 mei 2000 [eiser] doen dagvaarden voor de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam en ten behoeve van de uitvoering van het bouwplan "Insulindeplein" gevorderd de vervroegd uit te spreken onteigening ten behoeve van de Gemeente van het perceel kadastraal bekend gemeente Rotterdam, sectie [...], nummer [...], ter grootte van 0.01.23 ha, plaatselijk bekend als [a-straat 1] en bepaling van het voorschot op het bedrag van de schadeloosstelling.
1.2. Bij vonnis van 9 november 2000 heeft de Rechtbank de gevorderde onteigening uitgesproken en het voorschot op de schadeloosstelling bepaald op f 33.825. Het vonnis is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
2.1. [Eiser] heeft het vonnis van 9 november 2000 met een middel van cassatie bestreden. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2.2. De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2.3. Partijen hebben hun standpunten schriftelijk doen toelichten door hun advocaten.
2.4. [Eiser] heeft gerepliceerd. De Gemeente heeft gedupliceerd.
2.5. De Advocaat-Generaal J.W. Ilsink heeft op 23 mei 2001 geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2.6. De Gemeente heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op f 632,20 aan verschotten en op f 3.000,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E. Korthals Altes als voorzitter, en de raadsheren D.H. Beukenhorst en P.J. van Amersfoort en door de raadsheer A. Hammerstein uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 oktober 2001.