Omgevingsrecht
Onteigening. Infrastructuuronteigening op de voet van art. 72a Onteigeningswet; te onteigenen goed verkregen…
Hoge Raad, 13 februari 2009
ECLI:NL:HR:2009:BG7409 · Hoge Raad · 13 februari 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/omgevingsrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bg7409
Zaakgegevens
Op 13 februari 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over omgevingsrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 februari 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 07/13013
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Omgevingsrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.J.L.J Duijsens, mr. M.W. Scheltema
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BG7409
Samenvatting
Onteigening. Infrastructuuronteigening op de voet van art. 72a Onteigeningswet; te onteigenen goed verkregen ten behoeve van een vennootschap onder firma; dagvaarding vennoten in plaats van de vennootschap onder firma; noodzaak van onteigening; pogingen tot minnelijke verwerving; planologische grondslag van de onteigening (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 13 februari 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BG7409
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 13 februari 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BG7409
Uitspraak
13 februari 2009
Eerste Kamer
07/13013
EV/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiser 1],
2. [Eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,
t e g e n
de publiekrechtelijke rechtspersoon DE PROVINCIE NOORD-HOLLAND,
zetelende te Haarlem,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.W. Scheltema.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en de Provincie.
1. Het geding in feitelijke instantie
Bij beschikking van 25 mei 2007 heeft de rechtbank, naar aanleiding van een verzoekschrift ingediend door de Provincie strekkende tot opneming van de ligging en de gesteldheid van het te onteigenen voor de aanvang van het geding, drie deskundigen en een rechter-commissaris benoemd en een datum voor de plaatsopneming bepaald.
De Provincie heeft bij exploot van 4 juni 2007 [eiser] c.s. gedagvaard voor de rechtbank te Haarlem en, na wijziging van eis, ten behoeve van de aanleg van de Zuidtak van de Zuidtangent met aanliggend fietspad vanaf de Rosa Spierstraat te Hoofddorp tot aan de rotonde Operaweg/Mambo te Nieuw-Vennep met bijkomende werken, gevorderd ten name van de Provincie vervroegd uit te spreken de onteigening van de in de dagvaarding omschreven gedeelten ter grootte van 00.38.17 hectare (grondplannummer [001]) en 00.36.39 hectare (grondplannummer [002]) van de onroerende zaken met de kadastrale aanduiding gemeente Haarlemmermeer sectie [A], nr. [003] waarvan [eiser] c.s. als eigenaar is aangewezen en het bedrag van de schadeloosstelling vast te stellen op € 52.192,--. Indien het aanbod niet wordt aanvaard heeft de Provincie gevorderd dat het voorschot op de schadeloosstelling zal worden bepaald op 90% van het aangeboden bedrag, zijnde € 46.973,-- en dat er geen zekerheid voor de voldoening van de schadeloosstelling nodig is, tenzij deze wordt verlangd en dat ingevolge art. 54j lid 2 Ow de data voor de nederlegging van het (concept)deskundigenrapport zal worden vastgesteld.
[Eiser] c.s. hebben verweer gevoerd.
Bij vonnis van 17 oktober 2007 heeft de rechtbank onder meer de gevorderde onteigening vervroegd uitgesproken, het voorschot op de schadeloosstelling voor [eiser] c.s. vastgesteld op € 46.973,--, bepaald dat geen zekerheid voor de voldoening van de schadeloosstelling nodig is, het Haarlems Dagblad aangewezen als nieuwsblad waarin dit vonnis geplaatst dient te worden, bepaald dat het definitieve deskundigenrapport uiterlijk 1 maart 2008 ter griffie van de rechtbank nedergelegd dient te worden en iedere verdere beslissing aangehouden.
Dit vonnis is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
[Eiser] c.s. hebben tegen het vonnis van de rechtbank van 17 oktober 2007 beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Provincie heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de Provincie mede door mr. R.T. Wiegerink, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Provincie begroot op € 272,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 13 februari 2009.