Omgevingsrecht
Onteigeningsrecht. Vervroegde onteigening van gedeelte perceel. Onteigenende verplicht tot overneming van het…
Hoge Raad, 24 september 2010
ECLI:NL:HR:2010:BM9611 · Hoge Raad · 24 september 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/omgevingsrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2010-bm9611
Zaakgegevens
Op 24 september 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over omgevingsrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 24 september 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/01926
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Omgevingsrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.J.W Alt, mr. M.W. Scheltema
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2010:BM9611
Samenvatting
Onteigeningsrecht. Vervroegde onteigening van gedeelte perceel. Onteigenende verplicht tot overneming van het overblijvende (op de voet van art. 38 Ow)? (art. 81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 24 september 2010deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2010:BM9611
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 24 september 2010
ECLI:NL:PHR:2010:BM9611
Uitspraak
24 september 2010
Eerste Kamer
09/01926
DV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,
t e g e n
DE GEMEENTE ENSCHEDE,
zetelende te Enschede,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.W. Scheltema.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Gemeente.
1. Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar het vonnis in de zaak 100898 HA ZA 09-311 van de rechtbank Almelo van 15 april 2009.
Het vonnis van de rechtbank is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van de rechtbank heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de Gemeente mede door mr. R.T. Wiegerink, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.E.C.M. Niessen strekt tot ongegrondverklaring van het beroep in cassatie.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 9 juli 2010 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 384,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 24 september 2010.