Civiel recht overig
Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad, 8 november 1985
ECLI:NL:HR:1985:AG5126 · Hoge Raad · 8 november 1985
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-1985-ag5126
Zaakgegevens
Op 8 november 1985 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 8 november 1985
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 6966
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- Mr. Drs. G.S. Koopman-Rond.
- ECLI
- ECLI:NL:HR:1985:AG5126
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 8 november 1985deze uitspraak
ECLI:NL:HR:1985:AG5126
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 november 1985
ECLI:NL:PHR:1985:AG5126
Uitspraak
8 november 1985
Eerste Kamer
Rek.nr. 6966
AB/E.K.
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: Mr. Drs. G.S. Koopman-Rond.
1. Het geding in feitelijke instantie
De officier van Justitie in het Arrondissement 's-Gravenhage heeft op 26 augustus 1985 onder overlegging van een op 10 augustus 1985 opgemaakte geneeskundige verklaring, alsmede een verklaring van de burgemeester van de gemeente Vlaardingen de voortzetting van de inbewaringstelling van [verzoeker] gevorderd.
Bij beschikking van 28 augustus 1985 heeft de President van de Rechtbank te 's-Gravenhage de voortzetting van de inbewaringstelling bevolen.
De beschikking van de President is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de Rechtbank heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal Meijers strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
Blijkens de bestreden beschikking is [verzoeker] op 10 augustus 1985 te 12.00 uur vanuit Vlaardingen opgenomen in het [gasthuis] te [plaats]. Vervolgens is op diezelfde dag om 15.00 uur door de burgemeester van Vlaardingen op de voet van art. 35b KW. een beschikking tot inbewaringstelling gegeven. De op 10 augustus, kennelijk vóór 12.00 uur opgemaakte geneeskundige verklaring vermeldt als plaats waar [verzoeker] zich bevindt: het politiebureau te Vlaardingen. In deze verklaring komt de arts tot de slotsom dat hij een ernstig vermoeden heeft dat [verzoeker] lijdende is aan krankzinnigheid in de vorm van schizofrenie ten gevolge waarvan hij een onmiddellijk dreigend gevaar voor anderen of voor de openbare orde oplevert.
Het middel betoogt dat de burgemeester van Vlaardingen niet bevoegd was de beschikking te geven, omdat ingevolge art. 35b "de burgemeester van de gemeente waar hij (de patiënt) zich bevindt" bevoegd is en [verzoeker] zich ten tijde van het geven van de beschikking te [plaats] en niet te Vlaardingen bevond. Dit betoog kan niet als juist worden aanvaard. Nu ten aanzien van [verzoeker] het in art. 35b bedoelde ernstige vermoeden dat hij een onmiddellijk dreigend gevaar voor anderen of voor de openbare orde opleverde, reeds was ontstaan toen hij zich nog te Vlaardingen bevond, was de burgemeester van Vlaardingen bevoegd de beschikking tot inbewaringstelling te geven.
4 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gewezen door de vice-president Ras als voorzitter en de raadsheren Martens, Van den Blink, Hermans en Bloembergen, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president Ras op 8 november 1985.