Civiel recht overig
Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad, 4 oktober 2002
ECLI:NL:HR:2002:AE4077 · Hoge Raad · 4 oktober 2002
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2002-ae4077
Zaakgegevens
Op 4 oktober 2002 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 oktober 2002
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C02/044HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. drs. R.A. van der Hansz
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2002:AE4077
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Procesgang
Hoge Raad · 4 oktober 2002deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2002:AE4077
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 4 oktober 2002
ECLI:NL:PHR:2002:AE4077
Uitspraak
4 oktober 2002
Eerste Kamer
Nr. C02/044HR
JMH
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser], wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. drs. R.A. van der Hansz,
t e g e n
1. [Verweerster 1],
2. [Verweerder 2],
beiden zowel pro se als in hun hoedanigheid van erfgenamen van wijlen [erflater],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.
1. Het geding in feitelijke instantie
Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploit van 1 december 2000 verweerders in cassatie - verder te noemen: de erven [...] - gedagvaard voor de Kantonrechter te Bergen op Zoom en gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
primair: de erven [...] te veroordelen om binnen veertien dagen nadat het in deze door de Kantonrechter te wijzen vonnis aan hen zal zijn betekend, aan [eiser] af te geven (a) een hometrainer (waarde ƒ 450,--), (b) een damesfiets (waarde ƒ 200,--), (c) een Aristona stereotoren met CD-speler (waarde ƒ 500,--), (d) een seniorenstoel met stof bekleed (waarde ƒ 500,--), en (e) een bedrag van ƒ 59,75 (pyjama) des dat de een afgifte doet en het bedrag van ƒ 59,75 betaalt, de ander zal zijn bevrijd, met machtiging op [eiser] om bij gebreke van dien, de afgifte zelf te doen bewerkstelligen, desnoods met behulp van de sterke macht;
subsidiair: de erven [...] hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen om aan [eiser] de waarde van bovenvermelde goederen, zijnde het bedrag van ƒ 1.650,-- (later verminderd tot een bedrag van ƒ 1.275,--) te betalen en het bedrag van ƒ 59,75 aan [eiser] te restitueren, vermeerderd met de wettelijke rente over voormelde bedragen vanaf de dag der dagvaarding tot die der voldoening.
De erven [...] hebben de vordering bestreden.
De Kantonrechter heeft bij tussenvonnis van 21 februari 2001 een comparitie van partijen gelast en bij tussenvonnis van 28 maart 2001 [eiser] tot bewijslevering toegelaten. Na enquête en contra-enquête heeft de Kantonrechter bij eindvonnis van 7 november 2001 de primaire en subsidiaire vordering van [eiser] afgewezen.
Het eindvonnis van de Kantonrechter is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het eindvonnis van de Kantonrechter heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen de erven [...] is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de erven [...] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, A.G. Pos en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 4 oktober 2002.